Veelgestelde vragen over 1.4 GRAMMATICA
Wanneer gebruik je het lidwoord 'de' of 'het'?
Wat is een werkwoordelijk gezegde, onderwerp en lijdend voorwerp?
Hoe vind je het werkwoordelijk gezegde in een zin?
Wat is een persoonsvorm en hoe vind je deze in een zin?
Hoe vervoeg je werkwoorden in de tegenwoordige en verleden tijd?
Wat is de gebiedende wijs?
Hoe werkt de buiging van het bijvoeglijk naamwoord in het Duits?
Wanneer gebruik je de letter 'n' in de Nederlandse spelling?
Hoe herken ik een koppelwerkwoord?
Wat zijn werkwoorden?
Heeft een zin met een naamwoordelijk gezegde een lijdend voorwerp?
Wat is een lijdend voorwerp?
Wat is het verschil tussen een werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde?
Hoe vind je het lijdend voorwerp in een zin?
Hoe herken en benoem ik woordsoorten in een zin?
Hoe herken je een bijvoeglijk naamwoord dat zelfstandig wordt gebruikt?