Veelgestelde vragen over Blok 3
Hoe oefen ik spelling met een dictee?
Wat zijn titels en tussenkopjes?
Hoe vind ik de belangrijkste punten in een hoofdstuk?
Wat is de gebiedende wijs?
Hoe bepaal je de leefbaarheid van een wijk of buurt?
Wat zijn nevenschikkende voegwoorden?
Hoe maak ik de inleiding van een uiteenzetting boeiend?
Wat is een persoonsvorm en hoe vind je deze in een zin?
Welke signaalwoorden horen bij een concluderend verband?
Wat zijn hoofd- en bijzinnen in het Nederlands?
Wat is een onvoltooid deelwoord?
Welke tekstverbanden zijn er en hoe herken je ze?
Wat is tekststructuur?
Hoe schrijf ik een uiteenzetting?
Wat is het verschil tussen globaal en intensief lezen?
Hoe gebruik je de bezitsvorm in het Engels?
Hoe herken ik tekstsoorten in het Frans?
Wat zijn de belangrijkste onderdelen van leesvaardigheid?
Hoe vind je de hoofdzaken van een alinea?
Wat is het verschil tussen nevenschikkende en onderschikkende voegwoorden?
Hoe bedenk ik een pakkende titel voor een tekst?
Hoe helpen signaalwoorden mij een Franse tekst te begrijpen?
Wat zijn voegwoorden?
Hoe structureer ik een formele e-mail met alinea's en witregels?
Wat is een signaalwoord?
Hoe bepaal je de functie van een tekst?
Wat zijn de onderdelen van begrijpend lezen?
Wat is een opsommend verband?
Hoe herken je verbanden tussen alinea's?
Hoe vervoeg je werkwoorden in de tegenwoordige en verleden tijd?
Hoe zet je een zin van de present perfect in de simple past?
Wat is een werkwoordelijk gezegde, onderwerp en lijdend voorwerp?
Welke zinsverbanden zijn er en hoe herken je ze?
Hoe kan ik mijn woordenschat uitbreiden?
Hoe vind je de hoofdgedachte of hoofdzaken in een tekst?
Welke signaalwoorden horen bij opsommend en chronologisch tekstverband?
Wanneer gebruik je een koppelteken?