Hoe bereken je hoeken in een rechthoekige driehoek?

Hoe bereken je hoeken in een rechthoekige driehoek?

WiskundeWiskunde
Wiskunde AWiskunde A
Wiskunde BWiskunde B

Hoe bereken je hoeken in een rechthoekige driehoek?

Hoe bereken je hoeken in een driehoek, en specifiek in een rechthoekige driehoek?

Antwoord van Ainstein

Er zijn verschillende manieren om hoeken te berekenen, afhankelijk van het type driehoek en de beschikbare informatie.

  1. Hoeken berekenen in algemene driehoeken (met de hoekensom): De som van alle hoeken in elke driehoek is altijd 180180^\circ. Als je twee hoeken van een driehoek weet, kun je de derde hoek berekenen door deze twee hoeken bij elkaar op te tellen en het resultaat van 180180^\circ af te trekken.

    • Voorbeeld: Stel je hebt een driehoek met hoek A van 6060^\circ en hoek B van 7070^\circ.
      1. Tel de bekende hoeken op: 60+70=13060^\circ + 70^\circ = 130^\circ.
      2. Trek dit af van 180180^\circ: 180130=50180^\circ - 130^\circ = 50^\circ.
      3. Hoek C is dus 5050^\circ.
  2. Hoeken berekenen in een rechthoekige driehoek: Een rechthoekige driehoek heeft altijd één hoek van 9090^\circ (de rechte hoek). Dit betekent dat de som van de andere twee hoeken 18090=90180^\circ - 90^\circ = 90^\circ moet zijn.

    • Voorbeeld: Stel je hebt een rechthoekige driehoek. Je weet dat één hoek 9090^\circ is en een andere hoek 3535^\circ.
      1. Tel de bekende hoeken op: 90+35=12590^\circ + 35^\circ = 125^\circ.
      2. Trek dit af van 180180^\circ: 180125=55180^\circ - 125^\circ = 55^\circ.
      3. De derde hoek is dus 5555^\circ.
  3. Hoeken berekenen met goniometrie (in rechthoekige driehoeken): In rechthoekige driehoeken kun je ook goniometrische verhoudingen (sinus, cosinus, tangens) gebruiken als je de lengtes van zijden weet. Een handig ezelsbruggetje hiervoor is SOS-CAS-TOA:

    • Sinus = Overstaande zijde / Schuine zijde
    • Cosinus = Aanliggende zijde / Schuine zijde
    • Tangens = Overstaande zijde / Aanliggende zijde Met deze formules kun je een onbekende hoek berekenen als je de lengtes van twee zijden kent.
  4. Hoeken berekenen in gelijkbenige driehoeken: In een gelijkbenige driehoek zijn twee zijden even lang. De hoeken die tegenover deze gelijke zijden liggen (de basishoeken) zijn ook aan elkaar gelijk. De hoek tussen de twee gelijke zijden is de tophoek.

    • Voorbeeld: Stel je hebt een gelijkbenige driehoek waarbij de tophoek 4040^\circ is.
      1. Trek de tophoek af van de totale hoekensom: 18040=140180^\circ - 40^\circ = 140^\circ.
      2. Verdeel de resterende hoeken over de twee gelijke basishoeken: 140/2=70140^\circ / 2 = 70^\circ.
      3. De twee basishoeken zijn dus elk 7070^\circ.

Naast driehoeken kun je ook hoeken berekenen met gestrekte hoeken (een gestrekte hoek is 180180^\circ) en door gebruik te maken van symmetrie in figuren.

Wil je betere cijfers halen?
  • Extra uitleg en oefenen voor elk boek op school
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
  • Video's, samenvattingen, oefenen, AI-tutor, woordjes leren en examentraining