Om de waarde van p te berekenen wanneer het midden van een lijnstuk op een gegeven lijn ligt, volg je de volgende stappen:
Stap 1: Bereken de coördinaten van het midden M van het lijnstuk AB.
De formule voor het midden M(xM,yM) van een lijnstuk met eindpunten A(xA,yA) en B(xB,yB) is:
xM=2xA+xB
yM=2yA+yB
Gegeven zijn de punten A(2p,0) en B(3,p+1).
Vul de coördinaten in de formules in:
xM=22p+3
yM=20+(p+1)=2p+1
Dus de coördinaten van het midden M zijn M(22p+3,2p+1).
Stap 2: Gebruik de vergelijking van de lijn om p te vinden.
Het midden M ligt op lijn k met de vergelijking x+y=6. Dit betekent dat de coördinaten van M moeten voldoen aan deze vergelijking.
Vul de uitdrukkingen voor xM en yM in de vergelijking van lijn k in:
22p+3+2p+1=6
Stap 3: Los de vergelijking op voor p.
Om de vergelijking op te lossen, kun je eerst beide kanten met 2 vermenigvuldigen om de breuken weg te werken:
2×(22p+3+2p+1)=2×6
(2p+3)+(p+1)=12
Combineer nu de termen met p en de constante termen:
2p+p+3+1=12
3p+4=12
Trek 4 af van beide kanten:
3p=12−4
3p=8
Deel beide kanten door 3 om p te vinden:
p=38
p=232
Dus, de waarde van p waarvoor het midden van lijnstuk AB op lijn k ligt, is 232.