Leerdoelen
•Je kunt een beslissingsvoorschrift opstellen voor een hypothesetoets.
•Je kunt een nulhypothese aannemen of verwerpen op basis van een hypothesetoets met een normale verdeling.
•Je kunt de wortel-n-wet toepassen om de standaardafwijking van steekproefgemiddelden te berekenen.
•Je kunt een hypothese linkszijdig, rechtzijdig of tweezijdig toetsen.
Van binomiaal naar normaal verdeeld
Stel, je gooit 60 keer met een dobbelsteen en je wilt weten hoe vaak je zes gooit. Dit is in principe een binomiaal experiment, waarbij je bij elke worp een kans van 1/6 hebt om zes te gooien. Als je dit experiment (60 worpen) tienduizend keer herhaalt, zullen de uitkomsten van het aantal zessen bij benadering een normale verdeling volgen. Dit is een belangrijke eigenschap, want de normale verdeling heeft een kenmerkende klokvorm en stelt ons in staat om kansen en afwijkingen van het gemiddelde te analyseren.

De verwachtingswaarde of het gemiddelde van een binomiaal experiment bereken je met de formule
Nulhypothese en alternatieve hypothese
Bij het toetsen van een hypothese stel je altijd twee hypothesen op:
•De nulhypothese
•De alternatieve hypothese
Het significatieniveau en kritieke gebied
Om te bepalen of we de nulhypothese verwerpen of aannemen, gebruiken we een significatieniveau
Het significatieniveau bepaalt het kritieke gebied. Dit is het gebied in de normale verdeling waar de waarnemingen zo extreem zijn dat ze hoogstwaarschijnlijk niet afkomstig zijn van de verdeling zoals beschreven in de nulhypothese. Als het significantieniveau

Het beslissingsvoorschrift opstellen
Een beslissingsvoorschrift geeft aan wanneer je de nulhypothese moet verwerpen. Laten we teruggaan naar het dobbelsteenvoorbeeld met een gemiddelde van 10. De standaardafwijking van 3 is hier een aangenomen waarde om het voorbeeld te illustreren. Als we voor dit voorbeeld tweezijdig toetsen en als we de vuistregel hanteren dat 95% van de waarnemingen binnen twee standaardafwijkingen van het gemiddelde valt (wat overeenkomt met
•Rechtergrens:
•Linkergrens:
Het beslissingsvoorschrift is dan: verwerp
Hoewel de normale verdeling in principe voor continue variabelen is, kunnen we deze bij een voldoende grote
De wortel-n-wet
Wanneer we werken met steekproeven, moeten we rekening houden met het feit dat de standaardafwijking van de steekproefgemiddelden kleiner is dan de standaardafwijking van de individuele metingen in de populatie. Dit komt omdat extreme waarden elkaar in een steekproef vaak opheffen. De wortel-n-wet beschrijft dit verband:
Hierbij is:
•
•
•
Deze wet is cruciaal voor het toetsen van hypothesen met steekproefgemiddelden, omdat het de spreiding van onze waarnemingen correct weergeeft.
Linkszijdig toetsen
Een linkszijdige toets gebruik je wanneer de alternatieve hypothese

Voorbeeld
Een vulmachine hoort flessen af te vullen met gemiddeld 1,55 liter en een populatiestandaardafwijking van 0,2 liter. Na controle van 100 flessen blijkt het gemiddelde 1,51 liter te zijn. Kun je concluderen dat de machine niet goed werkt? Kies
•Nulhypothese
•Alternatieve hypothese
Berekening van de standaardafwijking van het steekproefgemiddelde:
Bepalen van de kritieke grens: Met behulp van een grafische rekenmachine (functie invNorm of inverseNormal): invNorm(kans = 0,10, gemiddelde = 1,55, standaardafwijking = 0,02, optie = links) Dit geeft een kritieke grenswaarde van 1,52436 liter.
Beslissing: Het waargenomen steekproefgemiddelde is 1,51 liter. Dit ligt onder de kritieke grens van 1,52436 liter. Het gemiddelde bevindt zich dus in het kritieke gebied.
Conclusie:
We verwerpen de nulhypothese
Rechtszijdig toetsen
Een rechtszijdige toets gebruik je wanneer de alternatieve hypothese

Voorbeeld
Een vulmachine wordt ingesteld op een gemiddelde van 1,55 liter met een populatiestandaardafwijking van 0,2 liter. Na controle van 50 flessen blijkt het gemiddelde 1,57 liter te zijn. Kun je concluderen dat de machine niet goed werkt? Kies
•Nulhypothese
•Alternatieve hypothese
Berekening van de standaardafwijking van het steekproefgemiddelde:
Bepalen van de kritieke grens: Met behulp van een grafische rekenmachine: invNorm(kans = 0,10, gemiddelde = 1,55, standaardafwijking = 0,02828, optie = rechts) Dit geeft een kritieke grenswaarde van 1,5862 liter.
Beslissing: Het waargenomen steekproefgemiddelde is 1,57 liter. Dit ligt onder de kritieke grens van 1,5862 liter. Het gemiddelde bevindt zich dus niet in het kritieke gebied.
Conclusie:
We verwerpen de nulhypothese
Tweezijdig toetsen
Een tweezijdige toets gebruik je wanneer de alternatieve hypothese

Voorbeeld
Een vulmachine wordt ingesteld op een gemiddelde van 1,55 liter en een populatiestandaardafwijking van 0,2 liter. Een controle wordt uitgevoerd op een steekproef van 1000 flessen. Bepaal het kritieke gebied voor het steekproefgemiddelde. Kies
•Nulhypothese
•Alternatieve hypothese
Berekening van de standaardafwijking van het steekproefgemiddelde:
Bepalen van de kritieke grenzen:
Aangezien het een tweezijdige toets is, verdelen we
•Linkergrens: invNorm(kans = 0,05, gemiddelde = 1,55, standaardafwijking = 0,00632, optie = links) Dit geeft een linkergrens van ongeveer 1,5395 liter.
•Rechtergrens: invNorm(kans = 0,05, gemiddelde = 1,55, standaardafwijking = 0,00632, optie = rechts) Dit geeft een rechtergrens van ongeveer 1,5604 liter.
Beslissing:
Beslissingsvoorschrift: Verwerp
Werken met je grafische rekenmachine
De functie invNorm (of inverseNormal) op je grafische rekenmachine is een handig hulpmiddel bij het bepalen van de grenzen van het kritieke gebied. Je voert meestal de volgende parameters in:
•Kans: Dit is de oppervlakte van het kritieke gebied in de staart die je bekijkt. Voor een eenzijdige toets (links- of rechtszijdig) gebruik je het significatieniveau
•Gemiddelde
•Standaardafwijking
•Optie: Hier geef je aan of je de linkerkant (left), de rechterkant (right) of het midden (center) van de verdeling bekijkt.
Bij tweezijdig toetsen kun je soms ook direct de center-optie gebruiken. Als




