Azanide en waterstoffluoride
Oplossingen van azanide (NH2-) en van waterstoffluoride (HF) in water worden samengevoegd in een kolf. Geef de juiste reactievergelijking van deze zuur-base reactie.


Thijs BrouwerOplossingen van azanide (NH2-) en van waterstoffluoride (HF) in water worden samengevoegd in een kolf. Geef de juiste reactievergelijking van deze zuur-base reactie.
Het eerste scenario betreft de reactie tussen een basische oplossing (natronloog) en een zure oplossing (zoutzuur). Laten we het stappenplan toepassen:
Stap 1: Zoek bij de naam de chemische notatie.
Een natronloog is een oplossing van natriumhydroxide in water, dus NH+ (aq) en OH- (aq). Zoutzuur bestaat uit H+ (aq) en Cl- (aq).
Stap 2: Noteer het sterke zuur als H+.
Bij deze reactie is ons zuurdeeltje H+. Als we te maken hadden met een zwak zuur, zoals azijnzuur, hadden we het hele deeltje moeten noteren.
Stap 3: Onderstreep de base en het zuur.
De base is de OH-, die we herkennen uit ons schema, en de H+ is het zuur.
Stap 4: Bepaal hoeveel H+ de base opneemt.
In dit geval zal de base (OH-) 1 H+ opnemen, waardoor H2O ontstaat.
Stap 5: Bekijk of er deeltjes aan zowel de linker- als rechterkant van de vergelijking staan.
Dit zou betekenen dat ze alleen maar aan de kant zitten en niets doen - we noemen deze "tribune-ionen". Voor deze reactie zijn dat de Na+ en Cl- ionen.
Let op: Deze ionen zullen niet reageren tot een vast zout (volgens tabel 45), dus we kunnen deze stap overslaan.
Na deze stappen blijft onze netto reactievergelijking over, die luidt: OH- en H+ wordt H2O.

In deze reactie hebben we kaliumoxide en een overmaat zoutzuur.
Stap 1: Zoek bij de naam de chemische notatie.
Kaliumoxide is een zout (een combinatie van een metaal en een niet-metaal) dat bestaat uit K+ en O2- ionen. Onze zure oplossing (zoutzuur) bestaat nog steeds uit H+ en Cl-.
Stap 2: Noteer het sterke zuur als H+.
Hier is ons H+ ion weer het sterke zuur.
Stap 3: Onderstreep de base en het zuur.
Dit keer is de base het O2- ion en het zuur is weer de H+.
Stap 4: Bepaal hoeveel H+ de base opneemt.
Aangezien we te maken hebben met een overmaat, kan onze base twee H+ ionen opnemen, wat H2O zal vormen.
Stap 5: Bekijk of er deeltjes aan zowel de linker- als rechterkant van de vergelijking staan.
In dit geval zijn de Cl- en K+ ionen onze "toeschouwers". Deze ionen zullen echter niet tot een vast zout reageren, dus we kunnen ze van de vergelijking wegstrepen.
Dus, onze netto reactievergelijking is: O2- en 2H+ wordt H₂O en 2K+.

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.







