1.Stel je hebt 30,0 gram calciumchloride en je lost dat op in 250 mL water. Wat is de molariteit calciumchloride?
2.Wat is het aantal mol/L van de chloride-ionen?


Thijs Brouwer1.Stel je hebt 30,0 gram calciumchloride en je lost dat op in 250 mL water. Wat is de molariteit calciumchloride?
2.Wat is het aantal mol/L van de chloride-ionen?
•Je kunt de concentratie van een oplossing aangeven en ermee rekenen.
•Je kunt de symbolen en eenheden van molariteit benoemen.
•Je kunt uitleggen hoe coëfficiënten in een oplosvergelijking de molverhouding van ionen weergeven.
In de scheikunde is molariteit een maat voor de concentratie van opgeloste stof in een oplossing. Het wordt aangeduid met het symbool M en gemeten in mol per liter (mol/L ofmol \cdot L^{-1}). Deze notaties wijzen allemaal op hetzelfde: de hoeveelheid opgeloste stof per liter oplossing. Het is belangrijk om deze hoofdletter M niet te verwarren met de molaire massa, die de massa van een mol stof in grammen aangeeft. Hoewel dit verwarrend kan zijn, is dit de standaardnotatie.
De basisvergelijking voor molariteit is:

Als je 20 gram keukenzout (NaCl) oplost in 500 milliliter water, zou je de molariteit als volgt berekenen:
1.Bepaal eerst het aantal mol NaCl door 20 gram te delen door de molaire massa van NaCl (58,443 g/mol).
2.Deel vervolgens het aantal mol door het volume oplossing in liter (0,5 L).
3.Het resultaat is de molariteit van de NaCl-oplossing, uitgedrukt in.

Bij het oplossen van een zout gebruik je de oplosvergelijking om de molverhouding tussen het vaste zout en de gevormde ionen af te lezen. Dit doe je door eerst de verhoudingsformule op te stellen en vervolgens naar de coëfficiënten in de oplosvergelijking te kijken:
Uit deze vergelijking lees je de verhouding 1:1:1 af.
Voor een ander zout, zoals natriumfosfaat, geldt:
Na_3PO_4(s)\rightarrow3Na^{+}(aq)+PO_4^{3-}(aq)
Hier is de verhouding 1:3:1, waardoor een oplossing van 0,3 molairNa_3PO_4Na_3PO_{\placeholder{}}Na_3PONa_3PO4Na_{\placeholder{}}PO4NaPO4leidt tot 0,9 molairNa^{+}Na^{\placeholder{}}en 0,3 molairPO_4^{3-}PO_4^{3-}PO_4^3PO_4^{3-}PO_4^{3--}PO_4^{3-}PO_4^3PO_4^{\placeholder{}}PO_4PO_{\placeholder{}}.

De molariteit van een oplossing is het aantal mol opgeloste stof per liter oplossing:met in mol enin liter. Daarnaast gebruiken we om van gram naar mol te gaan:waarbijde massa in gram is en M de molaire massa.
25g aluminiumchloride wordt opgelost tot een volume van 2,0L:
1. Molaire massa bepalen
M(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}M(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}M(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}M_{}(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133{,}34~g\cdot mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=13334~g\cdot mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~g\cdot mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~gmol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~\frac{g}{}mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~\frac{g}{=}mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~\frac{g}{\placeholder{}}mol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~gmol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~gmol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~gmol^{-1}M_{r}(AlCl_3)=133.34~gmol^{-1}
2. Aantal mol
n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{}}=\frac{25}{133{,}34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{133{,}34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{13334}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{13334}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{13334}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}=\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}\frac{25n}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{r}}\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{M_{\placeholder{}}}\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{\placeholder{}_{\placeholder{}}}\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=\frac{m}{\placeholder{}}\frac{25}{133.34}n(AlCl_3)=m\frac{25}{133.34}
3. Molariteit van de oplossing
M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133,34\text{ mol}}{2,0\text{ L}}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133,34\text{ mol}}{2,0\text{ L}}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=2\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/1\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/13\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}3\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}34\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}34m\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}34mo\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=25/133{,}34mol\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mM(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~moM(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~molM(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdotM(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdot LM(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdot L^{}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0L}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mol}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34mo}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34m}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}=\frac{25/133{,}34}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133{,}34}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/13334}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2{,}0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{20}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0{,}094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0.094~mol\cdot L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0.094~molL^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{V}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0.094~mol,L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{n}{\placeholder{}}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0.094~mol,L^{-1}M(AlCl_3)=\frac{\placeholder{}}{\placeholder{}}\frac{25/133.34}{2.0}\approx0.094~mol,L^{-1}
Dus de oplossing is 0,094
4. Ionenconcentratie in de oplossing
Oplosvergelijking:AlCl_3(s)\rightarrow Al^{3+}(aq)+3Cl^{-}(aq)
De verhouding is 1:1:3, dus:
[Al^{3+}]=0{,}094~mol\cdot L^{-1}[Al^{3+}]=0094~mol\cdot L^{-1}[Al^{3+}]=0.094~mol\cdot L^{-1}[Al^{3+}]=0.094~molL^{-1}[Al^{3+}]=0.094~mol,L^{-1}
[Cl^{-}]=3\times0{,}094=0{,}281~mol\cdot L^{-1}[Cl^{-}]=3\times0{,}094=0281~mol\cdot L^{-1}[Cl^{-}]=3\times0{,}094=0.281~mol\cdot L^{-1}[Cl^{-}]=3\times0094=0.281~mol\cdot L^{-1}[Cl^{-}]=3\times0.094=0.281~mol\cdot L^{-1}[Cl^{-}]=3\times0.094=0.281~molL^{-1}
De molariteit vanin een oplossing waarin 3,0gL^{-1}gL^{-}gL^{\placeholder{}}gLgL-NO_3^{-}aanwezig is:
1. Oplosvergelijking en verhouding
Ca(NO_3)_2(s)\rightarrow Ca^{2+}(aq)+2NO_3^{-}(aq)
De verhouding is dus 1:1:2
2. Molaire massa van
M(NO_3^{-})=62~g\cdot mol^{-1}M(NO_3^{-})=62~g\cdot mol^{-1}M_{}(NO_3^{-})=62~g\cdot mol^{-1}M_{r}(NO_3^{-})=62~g\cdot mol^{-1}M_{r}(NO_3^{-})=62~gmol^{-1}
3. Molariteit van
M(NO_3^{-})=\frac{3{,}0}{62}mol\cdot L^{-1}M(NO_3^{-})=\frac{30}{62}mol\cdot L^{-1}M(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}mol\cdot L^{-1}M(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molL^{-1}M(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molL^{-}M(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molL^{\placeholder{}}M(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molLM(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molM(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}moM(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}molM(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}moM(NO_3^{-})=\frac{3.0}{62}m
4. Molariteit van
Omdat per moltwee molontstaan, is de molariteit van{Ca(NO_3)_2}{Ca(NO_3)_2}\cdotde helft van die van:
M(Ca(NO_3)_2)=\frac{1}{2}M(NO_3^{-})=0{,}024~mol\cdot L^{-1}M(Ca(NO_3)_2)=\frac{1}{2}M(NO_3^{-})=0024~mol\cdot L^{-1}M(Ca(NO_3)_2)=\frac{1}{2}M(NO_3^{-})=0.024~mol\cdot L^{-1}M(Ca(NO_3)_2)=\frac{1}{2}M(NO_3^{-})=0.024~molL^{-1}
De molariteit van de oplossing is dus0{,}0240{,}024~0{,}024~mol\cdot L^{-1}{Ca(NO_3)_2}0{,}024~mol\cdot L^{-1}0024~mol\cdot L^{-1}0.024~mol\cdot L^{-1}
Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.







