Engels
  • Aardrijkskunde
  • Arabisch
  • Bedrijfseconomie
  • Biologie
  • Brain skills
  • Chinees
  • Duits
  • Economie
  • Engels
  • Frans
  • Fries
  • Geschiedenis
  • Grieks
  • Italiaans
  • Japans
  • Latijn
  • Maatschappij­kunde
  • Maatschappij­wetenschappen
  • Maatschappijleer
  • NaSk
  • NaSk1
  • NaSk2
  • Natuurkunde
  • Nederlands
  • Plannen en organiseren
  • Portugees
  • Russisch
  • Scheikunde
  • Spaans
  • Turks
  • Wiskunde
  • Wiskunde A
  • Wiskunde B
Boekenplank
Examentraining
Stel je vraag
Woordenlijsten
Meer
  • Woordenlijst
  • Stel je vraag
  • Blogs
  • Log in
Leerwerkboek A
New Interface · 2 havo
Je hebt dit boek nog niet toegevoegd aan je boeken. Wil je het boek toevoegen?
Overzicht
Mijn boeken
  • Unit 1 Cities
    • Lesson 1: Reading
    • Lesson 2: Writing
    • Lesson 3: Listening and watching
    • Lesson 4: Speaking
    • Lesson 5: Project
    Bekijk hoofdstuk
  • Unit 2 Extremes
    • Lesson 1: Reading
    • Lesson 2: Writing
    • Lesson 3: Listening and watching
    • Lesson 4: Speaking
    • Lesson 5: Project
    Bekijk hoofdstuk
  • Unit 3 Money
    • Lesson 1: Reading
    • Lesson 2: Writing
    • Lesson 3: Listening and watching
    • Lesson 4: Speaking
    • Lesson 5: Project
    Bekijk hoofdstuk
  • Unit 4 Inventions
    • Lesson 1: Reading
    • Lesson 2: Writing
    • Lesson 3: Listening and watching
    • Lesson 4: Speaking
    • Lesson 5: Project
    Bekijk hoofdstuk

Lesson 4: Speaking

Home
Leren
Zoeken
Log in
Haal betere cijfers voor al je vakkenProbeer JoJoschool gratis uit!

Lessen

Modal verbs
4 min
samenvatting
15 opgaven
Geen taken beschikbaar
Relative pronouns
3 min
samenvatting
13 opgaven
Geen taken beschikbaar

Woordenlijsten

New Interface - 2 havo - Extremes - Speaking - Phrases
21 woorden
New Interface - 2 havo - Extremes - Speaking - Words 2.4
22 woorden
woorden 2.4
22 woorden·
Lize

Veelgestelde vragen

Alle vragen

Bekijk antwoorden op vragen die veel worden gesteld.

Ainstein is AI en kan fouten maken, deel geen persoonsgegevens. Lees meer
Wat zijn modale werkwoorden en wat is hun functie?
Wat zijn relative pronouns in het Engels?
Wat is whom en wanneer gebruik je het?