Inflatie en de conjunctuur

Inflatie en de conjunctuur

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 06:11
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Open vraag

Verklaar hoe door een verslechterde wisselkoers er kosteninflatie kan optreden?

Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt uitleggen hoe inflatie leidt tot geldontwaarding.

Je kunt de gevolgen van inflatie uitleggen.

Je kunt de gevolgen van deflatie uitleggen.

Je kunt het verschil tussen kosteninflatie en bestedingsinflatie uitleggen.

Geldontwaarding

Wat is inflatie en geldontwaarding?

Wanneer de prijzen van goederen en diensten over het algemeen stijgen, spreken we van inflatie. Een belangrijk gevolg hiervan is dat je met hetzelfde geldbedrag minder kunt kopen dan voorheen. Dit noemen we geldontwaarding: een daling van de koopkracht van geld. Een voorbeeld maakt dit duidelijk. Een aantal jaar geleden kon je bij McDonald's een hamburger of cheeseburger kopen voor ongeveer één euro. Tegenwoordig kost een hamburger ongeveer één euro zestig. Met dezelfde euromunt kun je dus minder kopen dan vroeger.

Inflatie leidt tot geldontwaarding.
Inflatie leidt tot geldontwaarding.

Deflatie

Het tegenovergestelde van inflatie is deflatie. Bij deflatie dalen de prijzen van goederen en diensten. Hierdoor stijgt de koopkracht van geld: met hetzelfde bedrag kun je meer kopen. Hoewel dit in eerste instantie positief lijkt, kent deflatie ook belangrijke nadelen voor de economie.

De gevolgen van inflatie

Inflatie heeft verschillende gevolgen voor huishoudens, bedrijven en de economie.

Daling van de koopkracht: met hetzelfde bedrag kun je minder goederen en diensten kopen.

Schulden worden minder waard: wanneer iemand bijvoorbeeld €100.000 leent, heeft dat bedrag in de toekomst minder koopkracht. Het terugbetalen van de schuld voelt daardoor minder zwaar.

Spaargeld wordt minder waard: geld op een spaarrekening verliest koopkracht doordat prijzen stijgen.

Stijging van de omzet en het nominaal bbp: omzet wordt berekend als prijs keer hoeveelheid. Wanneer prijzen stijgen, stijgt ook de omzet. Hierdoor stijgt automatisch het nominale bbp.

Verslechtering van de concurrentiepositie: als producten in Nederland duurder worden, worden ze minder aantrekkelijk voor buitenlandse kopers.

Vervroeging van consumptie: consumenten kopen producten eerder wanneer ze verwachten dat prijzen in de toekomst zullen stijgen.

De gevolgen van deflatie

Deflatie heeft in veel opzichten tegenovergestelde effecten van inflatie.

Stijging van de koopkracht: met hetzelfde geld kun je meer goederen en diensten kopen.

Schulden worden meer waard: als iemand €100.000 leent en er treedt deflatie op, vertegenwoordigt dat bedrag in de toekomst juist meer koopkracht. Het terugbetalen van schulden wordt daardoor zwaarder.

Spaargeld wordt meer waard: het geld op een spaarrekening krijgt meer koopkracht.

Daling van de omzet en het nominaal bbp: doordat prijzen dalen, nemen ook de omzetten van bedrijven af.

Verbetering van de concurrentiepositie: lagere prijzen maken producten aantrekkelijker voor buitenlandse kopers.

Uitstel van consumptie: consumenten stellen aankopen uit wanneer zij verwachten dat prijzen verder zullen dalen. Dit kan leiden tot minder productie en economische stagnatie.

Twee soorten inflatie

Inflatie kan verschillende oorzaken hebben. Vaak wordt onderscheid gemaakt tussen twee hoofdvormen.

Bestedingsinflatie

Bestedingsinflatie ontstaat door overbesteding. Dit betekent dat er meer wordt gevraagd naar goederen en diensten dan bedrijven kunnen produceren. Door deze sterke vraag stijgen de prijzen. Bestedingsinflatie hangt samen met de vraagzijde van de economie en wordt vaak gekoppeld aan de conjunctuur.

Kosteninflatie

Kosteninflatie ontstaat wanneer bedrijven te maken krijgen met hogere productiekosten. Om winstgevend te blijven, verhogen zij hun verkoopprijzen. Voorbeelden van oorzaken van kosteninflatie:

Stijgende lonen voor werknemers

Hogere prijzen voor grondstoffen of energie

Stijgende importprijzen van halffabricaten

Kosteninflatie heeft vooral te maken met de aanbodzijde van de economie en kan ontstaan door structurele veranderingen of externe schokken.

Veelgestelde vragen
Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo