Het Nederlands pensioenstelsel bestaat uit drie pijlers, die samen de totale uitkering bepalen die iemand ontvangt als hij de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. De pijlers zijn:
1) het staatspensioen (AOW)
2) het bedrijfspensioen
3) het individueel opgebouwde pensioen
De tweede pijler, het bedrijfspensioen, wordt opgebouwd voor werknemers in loondienst. Werkgevers en werknemers leggen premie in bij pensioenfondsen, die de premies beleggen. Het stelsel van bedrijfspensioenen staat onder andere onder druk door lage beleggingsrendementen. Als gevolg daarvan zijn de bedrijfspensioenuitkeringen in de periode 2014-2018 gelijk gebleven, terwijl de cao-lonen en de consumentenprijzen in diezelfde periode wel zijn gestegen (zie bron 1 ).

