Leerdoelen
•Je kunt uitleggen hoe de darmperistaltiek werkt.
•Je kunt uitleggen wat mechanische vertering is.
•Je kunt de algemene bouw van het verteringstelsel beschrijven.
Algemene bouw van het verteringsstelsel
In feite is het spijsverteringskanaal een lange holle buis die van de mond tot aan de anus loopt. Voor een alleseter zoals wij mensen, is de gemiddelde lengte van deze buis ongeveer 9 meter.

Vertering: een overzicht
Vertering is het proces waarbij grote moleculen – zoals eiwitten, vetten en koolhydraten – worden afgebroken tot kleinere verteringsproducten. Dit proces wordt gefaciliteerd door enzymen.
Mechanische vertering
Mechanische vertering verwijst naar het fysieke deel van de vertering waarbij voedsel wordt verkleind, om zo het oppervlak van het voedsel te vergroten, zodat enzymen er beter bij kunnen.

Darmperistaltiek
Darmperistaltiek, een ander aspect van mechanische vertering, is het proces van mengen, voortduwen en kneden van voedsel in het spijsverteringskanaal. Dit proces wordt gereguleerd door het autonome zenuwstelsel.

Het strotklepje, de huig en het risico van verslikken
Tijdens de ademhaling en het slikken spelen het strotklepje en de huig een essentiële rol in het correct sluiten van de luchtpijp en de neusholte om verslikken te voorkomen.

De maag en de twaalfvingerige darm
De Maag en eiwitvertering
De maag speelt een cruciale rol in de eiwitvertering. Het maagzuur en de enzymen, samen bekend als maagsap, worden in de maag afgescheiden. Dit maagsap bevat ook slijm en is essentieel voor de afbraak van eiwitten. Het voedsel blijft ongeveer vier uur in de maag voordat het verder gaat naar de twaalfvingerige darm.
De twaalfvingerige darm
De twaalfvingerige darm is een belangrijk onderdeel van het spijsverteringsproces. Hier komen de alvleesklier en de galblaas samen. De lever produceert gal, dat wordt opgeslagen in de galblaas. Gal bevat galzouten en galkleurstoffen, die essentieel zijn voor de vetvertering. Gal is een afbraakproduct van dode rode bloedcellen en geeft ontlasting zijn kleur.
De rol van gal in vetvertering
Gal emulgeert vetten, wat betekent dat het vet in kleine druppeltjes wordt verdeeld. Dit is belangrijk omdat vet en water niet goed mengen. Door het emulgeren van vetten kunnen enzymen beter hun werk doen. Hoewel de galblaas gal opslaat, is het geen verteringsklier, omdat de lever de gal produceert.

Dunne darm, dikke darm en endeldarm
Na de twaalfvingerige darm passeert het voedsel de dunne darm, waar verteringsproducten worden opgenomen. De volgende halte is de dikke darm, waar voornamelijk water en mineralen worden opgenomen en de darmflora cellulose kan afbreken en vitamine K kan produceren. Als laatste wordt de rest van het spijsverteringsproces in de endeldarm opgeslagen tot het via de kringspier de darmen verlaat.

Extracellulaire en intracellulaire vertering
Er zijn twee soorten verteringsprocessen: extracellulaire en intracellulaire vertering. Extracellulaire vertering vindt plaats buiten onze cellen in het verteringskanaal, terwijl intracellulaire vertering verwijst naar het proces waarbij voedingsstoffen worden verteerd binnen een cel.














