Noem twee van de zeven stammen uit het dierenrijk.
Leerdoelen
•Je kunt het dierenrijk indelen in zeven stammen.
•Je kunt vertellen of een dier tweezijdig symmetrisch, veelzijdig symmetrisch of niet symmetrisch is.
•Je kunt twee soorten skeletten benoemen.
•Je kent de vijf groepen van de stam der gewervelden.
Dieren
Dieren zijn altijd meercellig en bestaan uit cellen met een celmembraan, een celkern en cytoplasma. Het dierenrijk kunnen we in zeven stammen indelen. Hierbij spelen de kenmerken symmetrie en het skelet een rol.
Symmetrie
Sommige voorwerpen kun je zo delen in twee helften dat de twee helften elkaars spiegelbeeld zijn. Zo'n voorwerp noemen we dan symmetrisch. Veel dieren zijn tweezijdig symmetrisch. Die dieren zijn op één manier in twee ongeveer gelijke helften te verdelen. Sommige dieren zijn veelzijdig symmetrisch. Die dieren zijn dan op meerdere manieren in ongeveer dezelfde delen te verdelen. De andere dieren zijn niet symmetrisch en zijn dus op geen enkele manier in gelijke delen te verdelen.

Het skelet
Veel dieren hebben stevige delen in hun lichaam die we het skelet noemen. Het skelet zorgt voor bescherming en stevigheid. Het inwendige skelet zit in het lichaam en het uitwendige aan de buitenkant van het lichaam. Mensen hebben bijvoorbeeld een inwendig skelet, maar een slak een uitwendig. Er zijn ook dieren zonder skelet, zoals een kwal.

De zeven stammen van het dierenrijk
De zeven stammen zijn:
•Sponzen
•Neteldieren
•Wormen
•Weekdieren
•Geleedpotigen
•Stekelhuidigen
•Gewervelden

Gewervelden
De gewervelden kunnen we weer indelen in vijf groepen:
•Vogels
•Reptielen
•Zoogdieren
•Amfibieën
•Vissen














