Test je kennis met de 4 examenvragen die aan dit onderwerp zijn gekoppeld.
Enkele keuze
Herkauwers
Herkauwers zoals de koe bezitten een grote pens aan het begin van het maag-darmkanaal, waarin veel soorten bacteriën leven die de celwanden van grassen en boombladeren afbreken. Tussen koe en bacteriën is sprake van mutualisme. Het voedsel dat door de bacteriën gedeeltelijk is verteerd, wordt door anti-peristaltische bewegingen van de slokdarm teruggebracht naar de bek en wordt met de maalkiezen nogmaals gekauwd. Een groot deel van de bacteriën wordt samen met de planten fijngemalen, daarna doorgeslikt en vervoerd naar de lebmaag (zie afbeelding).
Het maagsap van de lebmaag bevat dezelfde stoffen als het maagsap van de mens. Over het effect van dit lebmaagsap op de spijsbrij worden de volgende uitspraken gedaan:
1 Door maagzuur uit het lebmaagsap worden enzymen van de bacteriën in de spijsbrij onwerkzaam gemaakt.
2 Door enzymen uit het lebmaagsap worden eiwitten in de spijsbrij verteerd.
3 Door maagzuur uit het lebmaagsap worden vrijwel alle bacteriën in de spijsbrij actief.
Welke van deze uitspraken is of zijn juist?
Chemische vertering
Het proces waarbij voedsel op moleculair niveau wordt afgebroken door enzymen en verteringssappen.
Amylase
Een enzym in speeksel dat zetmeel afbreekt tot maltozen.
Maltozen
Een disaccharide gevormd uit de afbraak van zetmeel door amylase.
pH
Een maat voor de zuurgraad of alkaliteit van een oplossing.
Maagzap
Een zuur verteringssap in de maag dat helpt bij de afbraak van voedsel.
Pepsinogeen
Een inactief pro-enzyme dat in de maag wordt omgezet in pepsine.
Pepsine
Een actief enzym dat eiwitten in de maag afbreekt.
Secretine
Een hormoon dat de lever stimuleert tot de aanmaak van gal en de alvleesklier tot de aanmaak van natriumwaterstofcarbonaat.
CCK (cholecystokinine)
Een hormoon dat de afgifte van gal en alvleessap stimuleert.
Trypsinogeen
Een inactief pro-enzyme dat in de twaalfvingerige darm wordt omgezet in trypsine.
Trypsine
Een enzym dat lange polypeptideketens afbreekt tot kortere ketens.
Lipase
Een enzym dat triglyceriden afbreekt tot glycerol en vetzuren.
Maltase
Een enzym dat maltose omzet in glucose.
Darmsap
Een vloeistof in de dunne darm die verschillende enzymen bevat voor de vertering van voedsel.
•Je kunt de werking van verteringssappen op moleculair niveau uitleggen.
•Je kunt de invloed van de pH uitleggen.
•Je kunt de werking van verteringsklieren uitleggen.
Vertering
De mond
Chemische vertering begint al in de mond. In onze mond wordt namelijk speeksel aangemaakt door de speekselklieren en getransporteerd door de speekselklierkanalen. Een mens heeft een ondertongspeekselklier, een oorspeekselklier en een onderkaakspeekselklier. Ons speeksel bevat amylase. Amylase breekt zetmeel af tot maltose (disaccharide). Amylase is een enzym en dit enzym werkt optimaal bij een pH van 6,6 . Speeksel bevat ook een klein beetje linguale lipase en dit helpt bij het verteren van vet.
De slokdarm
Nadat het voedsel in de mond is geweest verplaatst het naar de slokdarm. De slokdarm voegt geen verteringssappen toe aan het proces. Er vindt kort vertering plaats. De enzymen die uit de mond de slokdarm in meekomen werken wel door in dit orgaan.
De maag
Na de slokdarm gaat de vertering van voedsel verder in de maag. In de maag is het erg zuur en daardoor stopt de werking van enzymen uit de mond. Het autonome zenuwstelsel regelt de afscheiding van maagsap. Wanneer voedsel in de maag komt, wordt de productie van het hormoon gastrine gestimuleerd. Gastrine reguleert op zijn beurt de maagsapproductie.
Maagsapklieren
Maagsapklieren spelen een belangrijke rol in de vertering. Er zijn 3 soorten kliercellen en deze produceren allemaal wat anders. Dit is wat de kliercellen produceren:
•HCl (zoutzuur)
•Slijm (belangrijk voor bescherming van de maagwand)
•Pepsinogeen (een inactief pro-enzym, nodig voor de productie van pepsine)
Een combinatie van pepsinogeen en HCl maakt pepsine. Pepsine versterkt de omzetting van pepsinogeen in pepsine ook zelf. Dit zorgt voor een positieve terugkoppeling oftewel een zelfversterkend effect. (zie afbeelding). Pepsine splitst eiwitmoleculen in lange aminozuurketens. Pepsine werkt het beste bij een pH van 2,5 (optimum).
De twaalfvingerige darm
Het eten komt vervolgens, via de maag, in de twaalfvingerige darm terecht. Het voedselbrij in de maag is erg zuur, daarom wordt het doorlaten van deze brij gereguleerd. De opening van de maagportier hangt af van de pH in de twaalfvingerige darm: is het te zuur in de twaalfvingerige darm, dan blijft de portier dicht.
Zuur stimuleert cellen in de wand van de twaalfvingerige darm tot aanmaak en afgifte (secretie) van secretine en cholecystokinine. Secretine stimuleert de lever tot aanmaak van gal. Secretine stimuleert ook de alvleesklier tot de aanmaak van NaHCO3 (basisch!). Cholecystokinine stimuleert de afgifte van gal en van alvleessap. In alvleessap zitten enzymen die helpen bij de vertering van eiwitten, vet en koolhydraten.
Als de pH in de twaalfvingerige darm inmiddels weer een hogere waarde van 8 à 9 heeft bereikt, opent daardoor de maagpoort.
Zie onderstaand overzicht van de regulatie van de maagportier door de pHr:
De alvleesklier
De alvleesklier gaat zijn werk doen. De alvleesklier maakt alvleessap voor de vertering van eiwitten, vetten en koolhydraten.
De alvleesklier maakt het pro-enzym trypsinogeen aan. Een voorstadium van trypsine. In de wand van de twaalfvingerige darm wordt enterokinase gevormd. De enterokinase is een enzym dat ervoor zorgt dat trypsinogeen wordt omgezet in trypsine.
Dit zijn de enzymen in de alvleesklier:
Trypsinogeen → trypsine: zet lange polypeptideketens om in korte ketens.
Peptidasen: zetten korte ketens om in dipeptiden, tripeptiden en losse aminozuren.
Amylase: zet zetmeel om in maltose
Lipase: zet triglyceriden om tot glycerol en vetzuren en monoglyceriden
De enzymen bevatten ook DNase en RNase, hiermee wordt DNA/RNA omgezet in nucleotiden.
Dunne darm
Vervolgens komt het eten in de dunne darm. In de dunne darm is de pH gezakt naar 7. Darmsap bevat maltase, sacharase, lactase en peptidase. Maltose wordt in de dunne darm door middel van het maltase omgezet tot glucose.
Zetmeel wordt tijdens dit proces omgezet tot glucose en eiwitten tot aminozuren.
Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool
Helemaal compleet!
Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Heel overzichtelijk
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Beter dan YouTube
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.
Waarom kies je voor JoJoschool?
Hoger scoren
86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.
Betaalbaar en beter
Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.
Sneller begrijpen
83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.