Wat is het verschil tussen de present continuous en present simple?

Wat is het verschil tussen de present continuous en present simple?

EngelsEngels

Wat is het verschil tussen de present continuous en present simple?

Wat is het verschil tussen de present continuous en present simple, en hoe gebruik je 'am', 'are' of 'is' bij de present continuous?

Antwoord van Ainstein

De present continuous en present simple zijn twee belangrijke Engelse tijdsvormen die je helpen om over het heden te praten, maar ze worden in verschillende situaties gebruikt.

Present Continuous

De present continuous gebruik je voor acties die op dit moment aan de gang zijn en nog niet zijn afgerond. Het benadrukt dat een actie tijdelijk is of nog bezig is.

Wanneer gebruik je het?

  • Acties die nu gebeuren: Bijvoorbeeld: "I am studying right now." (Ik ben nu aan het studeren.)
  • Tijdelijke acties: Bijvoorbeeld: "She is living in London for a few months." (Ze woont een paar maanden in Londen.)
  • Acties die irritatie veroorzaken en steeds herhaald worden (vaak met 'always'): Bijvoorbeeld: "He is always making noise." (Hij maakt altijd lawaai.)

Hoe vorm je de present continuous? Je vormt de present continuous met een vorm van het werkwoord 'to be' (am, is, are) gevolgd door het hoofdwerkwoord met -ing erachter.

  • I gebruik je met am:
    • Voorbeeld: "I am walking." (Ik ben aan het wandelen.)
  • He, she, it gebruik je met is:
    • Voorbeeld: "He is walking." (Hij is aan het wandelen.)
  • You, we, they gebruik je met are:
    • Voorbeeld: "They are walking." (Zij zijn aan het wandelen.)

Present Simple

De present simple gebruik je voor algemene feiten, gewoonten en regelmatige acties. Het beschrijft dingen die waar zijn in het algemeen, of die herhaaldelijk gebeuren.

Wanneer gebruik je het?

  1. Feiten: Dingen die altijd waar zijn.
    • Voorbeeld: "The sun rises in the east." (De zon komt op in het oosten.)
  2. Gewoonten: Dingen die je regelmatig doet.
    • Voorbeeld: "I brush my teeth twice a day." (Ik poets mijn tanden twee keer per dag.)
  3. Regelmaat: Dingen die vaak gebeuren, maar niet per se op dit moment.
    • Voorbeeld: "We often go for a drink after work." (We gaan vaak iets drinken na het werk.)

Hoe vorm je de present simple?

  • Bij I, you, we, they gebruik je de stam van het werkwoord.
    • Voorbeeld: "I walk." (Ik loop.)
  • Bij he, she, it voeg je een -s toe aan de stam van het werkwoord.
    • Voorbeeld: "He walks." (Hij loopt.)

Signaalwoorden die je vaak ziet bij de present simple zijn onder andere: always, never, often, sometimes, every day, frequently.

Het belangrijkste verschil

Het belangrijkste verschil is dat de present continuous focust op acties die nu bezig zijn of tijdelijk zijn, terwijl de present simple gaat over algemene waarheden, gewoonten en regelmatige acties die niet per se op dit moment plaatsvinden.

Wil je betere cijfers halen?
  • Extra uitleg en oefenen voor elk boek op school
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
  • Video's, samenvattingen, oefenen, AI-tutor, woordjes leren en examentraining