Bij een aflopende reactie van een sterk zuur worden de zuurmoleculen volledig omgezet in ionen. Dit betekent dat de reactie doorgaat totdat alle zuurmoleculen zijn verbruikt en er geen ongesplitste zuurmoleculen meer overblijven. De enkele pijl (→) in de reactievergelijking geeft aan dat de reactie volledig naar de kant van de producten (de ionen) verschuift.
Doordat alle zuurmoleculen volledig splitsen, ontstaat er een maximale hoeveelheid ionen in de oplossing. Als één zuurmolecuul splitst, ontstaan er meestal twee ionen (bijvoorbeeld H3O+ en Cl− uit HCl). Hierdoor bevat de rechterkant van de pijl (de ionen) de meeste deeltjes in de oplossing.
Dit is een belangrijk verschil met zwakke zuren. Bij zwakke zuren is er sprake van een evenwichtsreactie (aangegeven met een dubbele pijl ⇌), waarbij de zuurmoleculen slechts voor een klein deel splitsen in ionen. Een groot deel van de oorspronkelijke zuurmoleculen blijft ongesplitst in de oplossing aanwezig. Daarom bevat bij een zwak zuur de linkerkant van de pijl (de oorspronkelijke zuurmoleculen) de meeste deeltjes.
Samenvattend:
- Sterk zuur (aflopende reactie): Volledige omzetting van zuurmoleculen naar ionen. De ionen (rechterkant van de pijl) zijn de dominante deeltjes.
- Zwak zuur (evenwichtsreactie): Onvolledige omzetting. De oorspronkelijke zuurmoleculen (linkerkant van de pijl) zijn de dominante deeltjes.