Haakjes wegwerken met vermenigvuldigen betekent dat je een term die voor de haakjes staat, vermenigvuldigt met elke term die binnen de haakjes staat. Dit wordt de distributieve eigenschap genoemd.
Stel je hebt de som A(B+C). Hierbij vermenigvuldig je A met B en A met C. De formule is dan:
A(B+C)=AB+AC
Laten we dit toepassen op het voorbeeld 2(3+4):
- Vermenigvuldig het getal voor de haakjes (2) met de eerste term binnen de haakjes (3):
2×3=6
- Vermenigvuldig het getal voor de haakjes (2) met de tweede term binnen de haakjes (4):
2×4=8
- Tel de resultaten bij elkaar op:
6+8=14
Dus, 2(3+4) wordt 14.
Een ander voorbeeld met variabelen: Werk de haakjes weg in 3x(2x−5).
- Vermenigvuldig 3x met 2x:
3x×2x=6x2
- Vermenigvuldig 3x met −5:
3x×−5=−15x
- Tel de resultaten bij elkaar op:
6x2−15x
Dus, 3x(2x−5) wordt 6x2−15x.
Let goed op de tekens bij het vermenigvuldigen:
- Plus keer plus = plus
- Min keer min = plus
- Plus keer min = min
- Min keer plus = min