Leerdoelen
•Je kunt formules invullen waarin haakjes, kwadraten, wortels en/of een deelstreep voorkomen.
Werken met haakjes
Wat zijn haakjes?
Haakjes worden gebruikt om aan te geven dat bepaalde berekeningen voorrang hebben. Bijvoorbeeld, in de formule
Haakjes invullen
Bepaal de waarde van 't' bij ‘s’:
1. Stel dat ‘s’ = 0. Dan vul je in:
2.Vul dit in je tabel in.
3.Herhaal dit proces voor andere waardes van ‘s’, zoals 1 en 2. Als je deze uitkomsten ook invult in een tabel, ziet de tabel er als volgt uit:
s | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|
t | 26 | 32 | 36 |
Werken met kwadraten
Kwadraatsymbool en vermenigvuldiging
Een kwadraat van een getal wordt aangeduid met een hoge 2. Bijvoorbeeld, in de formule
Voorbeeld van kwadraten
•Vul ‘q = 0’ in:
•Vul ‘q = 1’ in:
•Vul ‘q = 2’ in:
Deze uitkomsten kan je ook in een tabel zetten:
q | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|
p | 0 | 5 | 20 |
Werken met wortels
Wat is een wortel?
De wortel van een getal is een waarde die, wanneer deze met zichzelf wordt vermenigvuldigd, het oorspronkelijke getal oplevert. De wortel wordt aangeduid met het symbool √.
Voorbeeld van wortels
Neem de formule
•Vul ‘m = 0’ in:
•Vul ‘m = 1’ in:
•Vul m = 2 in:
Als we deze uitkomsten in een tabel zetten, krijgen we de volgende tabel:
m | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|
k | 14 | 28 | 37 |
Werken met deelstrepen
Wat is een deelstreep?
Een deelstreep laat zien dat je een getal of uitdrukking deelt door een ander getal. De bovenkant van de deelstreep heet de teller en de onderkant heet de noemer.
Voorbeeld van een deelstreep
Neem de formule
•Vul ‘g = 0’ in:
•Vul ‘g = 1’ in:
•Vul g = 2 in:
Als we deze gegevens samenvoegen in een tabel, krijgen we:
g | 0 | 1 | 2 |
|---|---|---|---|
f | 2,6 | 3,8 | 5 |
Samengevoegde formule
In een complexere formule zoals
•Herinner je je dat je altijd de teller en noemer in haakjes moet zetten om de juiste volgorde van bewerkingen te waarborgen.
•Een term zoals ‘
Praktijkvoorbeeld
Vul ‘x = 8’ in bovenstaande formule in en bereken y. Dan krijgen we:




