Vraag 16
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
4 punten
Open vraag

Het feit dat de grafieken in figuur 2 evenwijdige rechte lijnen zijn, betekent dat het aantal aardbevingen van elke klasse exponentieel toeneemt met dezelfde groeifactor. Het totaal aantal aardbevingen$Avoor magnitudes$\geq 1{,}5is te beschrijven met de volgende formule:

A=12 \cdot \mathrm{e}^{0,013 t} \text { met } t=0 \text { voor april } 1994 \text { en } t \text { in maanden. }

Bereken door middel van differentiëren de waarde van de afgeleide van$Avoor$t=117. Geef je antwoord in één decimaal en leg uit wat de betekenis van deze waarde is in deze situatie.

Op deze pagina behandelen we vraag 16 van het centraal examen wiskunde A vwo 2019 tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Groningse aardbevingen, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden