Zet het ontstaan van deze gemeenschappen in de juiste chronologische volgorde.
Leerdoelen
•Je kunt het bestuur van de Europese Unie vergelijken met het bestuur van Nederland.
•Je kunt de voorgangers van de Europese Unie benoemen.
De voorgangers van de Europese Unie
De Europese Gemeenschap van Kolen en Staal (EGKS)
In 1951 werd de EGKS opgericht. Dit is de afkorting voor Europese Gemeenschap van Kolen en Staal. Zes rijke Europese landen waren vanaf het begin lid: Duitsland, Frankrijk, Nederland, België, Luxemburg en Italië.
De oprichting van de EGKS had verschillende belangrijke doelen:
•Een economisch doel: door samen te werken konden de lidstaten goedkoper handelen in steenkool en staal. Dit was voordelig voor de economieën van deze landen.
•Een politiek doel: de landen wilden een einde maken aan de vijandschap tussen Europese landen, vooral tussen Duitsland en Frankrijk. Door gemeenschappelijke regels op te stellen en economisch afhankelijk van elkaar te worden, hoopten ze nieuwe conflicten te voorkomen. Dit doel bleek succesvol te zijn.
De Europese Economische Gemeenschap (EEG)
Omdat de samenwerking binnen de EGKS zo goed werkte, wilden de landen nog meer gaan samenwerken. Daarom werd in 1958 de EEG opgericht: de Europese Economische Gemeenschap. Deze gemeenschap ging verder dan alleen samenwerking op het gebied van kolen en staal. Er kwam meer economische samenwerking op verschillende gebieden en in de loop van de tijd sloten steeds meer landen zich bij de EEG aan.
De Europese Gemeenschappen (EG)
In 1967 werden de verschillende Europese samenwerkingen, waaronder de EGKS en EEG, samengevoegd tot de EG, oftewel de Europese Gemeenschappen. Dit betekende dat er niet alleen meer een Europese Gemeenschap van kolen en staal bestond, maar bijvoorbeeld ook een voor atoomenergie. Een belangrijke ontwikkeling was de invoering van volledige vrijhandel tussen de lidstaten. Dit hield in dat er geen import- of exportbelasting meer geheven werd op producten die tussen deze landen werden verhandeld. Het gevolg was dat producten onderling goedkoper werden.
Meer landen wilden deel uitmaken van deze succesvolle samenwerking. In 1973 voegde Groot-Brittannië zich bij de EG en in 1986 volgde Spanje.
De geboorte van de Europese Unie en haar ontwikkeling
De landen die deel uitmaakten van de Europese Gemeenschappen wilden nog verder gaan met samenwerken. Ze wilden deze samenwerking niet alleen economisch houden, maar ook uitbreiden naar politiek en veiligheid. Ze dachten dat ze zo veel sterker zouden staan in de wereld.
Oprichting en afschaffing van grenzen
Deze ambitie leidde in 1993 tot de oprichting van de Europese Unie (EU). Een van de directe gevolgen was het volledig afschaffen van de grenscontroles tussen veel lidstaten. In 1995 werd binnen de Europese Unie ook het paspoortvrij reizen ingevoerd voor een aantal landen. Dit betekent dat er bij reizen naar een ander Europees land alleen een ID-kaart nodig was. Dit maakte reizen veel eenvoudiger en aantrekkelijker voor iedereen.
De komst van de euro
Een enorme stap in de Europese samenwerking was het besluit om een gezamenlijke munt in te voeren: de euro. Dit gebeurde in 2002. Waar in Nederland eerst nog met guldens werd betaald, in Duitsland met Duitse marken en in Frankrijk met Franse francs, wordt nu in EU-landen dezelfde munt gebruikt. Dit heeft een groot voordeel: je hebt geen last meer van wisselkoersen. Je hoeft niet meer je geld om te wisselen en verliest daardoor geen waarde als je naar een ander euroland reist of handelt.
Groei van de EU en lidmaatschapseisen
De Europese Unie groeide ontzettend snel. In 1993 waren er nog maar twaalf landen lid, maar in 2026 waren dat er al zevenentwintig. Er staan ook nog steeds een aantal landen op de lijst om lid te worden van de EU. De Europese Unie stelt wel enkele eisen aan landen die lid willen worden. Een land moet bijvoorbeeld corruptie aanpakken en een gezonde economie hebben, die kan concurreren binnen het economische systeem van de EU. Soms worden er ook andere specifieke voorwaarden gesteld.

Hoe wordt de Europese Unie bestuurd?
Het bestuur van de Europese Unie bestaat uit verschillende belangrijke bestuursorganen:
•Het Europees Parlement: dit orgaan kan worden gezien als de Tweede Kamer van Europa. Burgers van de lidstaten stemmen tijdens verkiezingen op de leden van het Europees Parlement.
•De Europese Commissie: dit is te vergelijken met het kabinet van een land. Hierin zitten Europese ministers die de dagelijkse leiding hebben over de EU. De Europese Commissie staat onder leiding van de Eurocommissaris, die kan worden beschouwd als de 'minister-president' van Europa.
•De Raad van Ministers (ook wel de Raad van de Europese Unie genoemd): hierin komen ministers uit alle lidstaten samen, per onderwerp. Als er vergaderd moet worden over het landbouwbeleid van de EU, dan komen de landbouwministers van alle 27 EU-landen bij elkaar. Zo worden de specifieke belangen van elke lidstaat vertegenwoordigd binnen de Europese besluitvorming.
Kritiek op de Europese Unie
Niet iedereen is onverdeeld positief over de Europese Unie. Er is ook kritiek op de EU, zowel vanuit burgers als vanuit lidstaten.
Gevoel van verbondenheid en autonomie
Een vaak gehoord kritiekpunt is dat burgers zich niet altijd sterk verbonden voelen met de Europese Unie. Wanneer mensen wordt gevraagd of zij zich Nederlander of Europeaan voelen, zullen de meesten sneller zeggen dat ze Nederlander zijn. Dit geldt niet alleen in Nederland, maar ook in grote delen van Europa; mensen identificeren zich meer met hun eigen nationaliteit dan met het Europese geheel. Lidstaten zijn ook bang om hun autonomie (zelfstandigheid) te verliezen. De Europese Unie werkt steeds meer samen en soms gaan Europese wetten boven de wetgeving van een individueel land.
De Brexit als voorbeeld
Een bekend voorbeeld van deze kritiek is de Brexit. Dit is een samenvoeging van 'Britain' en 'Exit', wat staat voor het vertrek van Groot-Brittannië uit de Europese Unie. De Britten waren een aantal jaar geleden bang dat ze hun controle over migratie zouden verliezen aan de EU. Dit leidde tot een referendum (een volksstemming), waarbij de meerderheid koos om uit de Europese Unie te stappen.

Is Europa sterker of verzwakt door de EU?
Het antwoord op deze vraag is complex en afhankelijk van het perspectief en het aspect dat wordt belicht. Er kan gesteld worden dat Europa door de EU op verschillende vlakken sterker is geworden:
•Meer veiligheid: er zijn geen oorlogen meer uitgebroken tussen de lidstaten van de Europese Unie. Dit was een van de belangrijkste politieke doelen van de allereerste samenwerking, de EGKS.
•Sterkere stem op het wereldtoneel: de EU treedt vaak namens alle lidstaten op in internationale kwesties. Hierdoor heeft Europa als geheel veel meer invloed en een sterkere positie in de wereld dan wanneer elk land dit individueel zou moeten doen.












