Haben, Sein, Werden tegenwoordige en voltooide tijd

Haben, Sein, Werden tegenwoordige en voltooide tijd

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 05:51
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Open vraag

Lees de zinnen en vul dan de tabel aan met de juiste vervoegingen.

Het werkwoord sein

Persoon
Vervoeging (sein)
ich
du
e/sie/es
wir
ihr
Sie/sie

Ich bin vierzehn Jahre alt. 

Wie alt bist du?

Meine Mutter ist lieb. Jan ist auch lieb. 

Es ist schon halb zwei!

Wir sind in der Schule. 

Wie spät seid ihr zuhause?

Sind Sie auch müde, Frau Schiller? 

Meine Geschwister sind sehr laut. 

Het werkwoord haben

Persoon
Vervoeging (haben)
ich
du
er/sie/es
wir
ihr
Sie/sie

Ich habe eine Schwester. 

Hast du dein Buch mitgebracht?

Mein Vater hat eine Frau. 

Das Mädchen hat viele Freundinnen.

Wir haben jetzt das Fach Deutsch. 

Ihr habt doch auch eine große Familie?

Haben Sie vielleicht Zeit, Herr Lubach? 

Die Kinder haben viel Spaß. 

Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt benoemen wat een sterk werkwoord is.

Je kunt haben, sein en werden in de tegenwoordige tijd vervoegen.

Je kunt het voltooid deelwoord van haben, sein en werden maken.

Sterke en zwakke werkwoorden

In de Duitse taal zijn er sterke en zwakke werkwoorden. Zwakke werkwoorden hebben een vaste stam zonder klankverandering in de verleden tijd. Een voorbeeld hiervan is het Nederlandse werkwoord "fietsen": "ik fiets" en "ik fietste". Er is geen klankverandering in de stam. Sterke werkwoorden daarentegen hebben wel een verandering in de stam. Denk aan "ik heb" en "ik had". Hier verandert de klank van de stam.

De werkwoorden haben, sein en werden

De werkwoorden haben, sein en werden zijn belangrijk in het Duits. Ze betekenen "hebben", "zijn" en "zullen" in het Nederlands. Deze werkwoorden hebben in de verleden tijd een klankverandering, net als sterke werkwoorden.

Tegenwoordige tijd

Haben

Ich habe

Du hast

Er/Sie/Es hat

Wir haben

Ihr habt

Sie/Sie haben

Afbeelding

Sein

Ich bin

Du bist

Er/Sie/Es ist

Wir sind

Ihr seid

Sie/Sie sind

Afbeelding

Werden

Ich werde

Du wirst

Er/Sie/Es wird

Wir werden

Ihr werdet

Sie/Sie werden

Afbeelding

Let op: bij zowel haben als werden zijn de vormen voor "wir" en "sie/Sie" gelijk aan het hele werkwoord, ook wel het infinitief genoemd. Bij sein is dit niet het geval; hier zijn de vormen "wir sind" en "sie/Sie sind" anders dan het infinitief "sein".

Voltooide tijd

De voltooide tijd gebruik je om te praten over iets wat al gebeurd is. Dit doe je door een vorm van haben of sein te gebruiken, samen met het voltooid deelwoord.

Voorbeelden

Haben: Ich habe gehabt (Ik heb gehad)

Sein: Ich bin gewesen (Ik ben geweest)

Werden: Ich bin geworden (Ik ben geworden)

Afbeelding
Veelgestelde vragen
Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo