Test je kennis met de examenvraag die aan dit onderwerp is gekoppeld.
Open vraag
Forensisch onderzoek
De recherche vergelijkt het onvolledige profiel van een weefselspoor op de plaats-delict (zie afbeelding 1) met het DNA-profiel van twee mannen die verdacht worden van een misdrijf.
Afb. 1 DNA-profiel weefselspoor
In afbeelding 2 is een gedeelte van het DNA-profiel van deze twee verdachten
(1 en 2) weergegeven. Alleen de bandjes van de allelen van de drie loci uit het onvolledige weefselspoor zijn in deze analyse te zien. De kolommen die met R zijn aangeduid vormen de referentie: ze bevatten de banden van alle allelen (repeats) die bij de desbetreffende loci kunnen voorkomen. De getallen rechts naast het profiel geven de nummers van de allelen aan.
Afb. 2: DNA-profiel van de verdachten
Hoewel het profiel van het weefselspoor (zie afbeelding 1) niet volledig is, is het ontlastend voor één van de twee verdachten (zie afbeelding 2).
Voor welke verdachte is het onvolledige profiel ontlastend? Op grond van welke van de drie onderzochte loci kun je dat weten?
Ontlastend voor Op grond van locus/loci
A verdachte 1 alleen D13S317
B verdachte 1 D13S317, D7S820 en D16S539
C verdachte 2 alleen D16S539
D verdachte 2 D16S539, D7S820 en D13S317
DNA fingerprinting
Een techniek om unieke patronen in DNA te identificeren voor identificatie en vergelijking.
Gel elektroforese
Een techniek om DNA-fragmenten te scheiden op basis van grootte door een gelmatrix.
Restrictie-enzym
Een enzym dat DNA op specifieke plaatsen knipt.
Sticky ends
Korte enkelstrengige uiteinden van DNA die ontstaan na knippen door restrictie-enzymen.
STR (Short Tandem Repeat)
Korte, herhaalde DNA-sequenties die worden gebruikt in DNA-analyse.
Locus
De specifieke locatie van een gen of DNA-sequentie op een chromosoom.
Genotype
De genetische samenstelling van een individu met betrekking tot een specifiek kenmerk.
Allelen
Verschillende vormen van een gen die op dezelfde locus kunnen voorkomen.
Kansberekening
Het berekenen van de waarschijnlijkheid van verschillende uitkomsten.
•Je kunt verklaren hoe je met behulp van een fingerprint een mutant kunt opsporen.
•Je kunt genetische kennis combineren met DNA-fingerprinting en kansberekeningen.
Wat zijn restrictie-enzymen?
Restrictie-enzymen kunnen DNA op specifieke sequenties knippen, welke uniek zijn voor elk enzym. Deze knipsels worden niet zomaar gemaakt, maar volgen een patroon dat 'sticky ends' achterlaat, wat essentieel is voor DNA-fingerprinting. Hieronder wordt een voorbeeld getoond van een restrictie-enzym dat knipt tussen ‘AA‘ in de herkenningssequentie ’AAGCTT’.
De kracht van elektroforese
Wanneer we stukken DNA met een restrictie-enzym knippen kunnen we deze detecteren met behulp van gelelektroforese. DNA-moleculen zijn negatief geladen (vanwege de fosfaatgroep), dus als we ze in een gel plaatsen en een elektrische stroom toepassen, bewegen ze richting de positieve pool. De snelheid waarmee ze bewegen hangt af van hun grootte: kleinere stukjes bewegen sneller dan grotere.
Deze methode stelt ons in staat om de verschillende DNA-fragmenten te scheiden en te identificeren op basis van lengte. Zo kunnen we bijvoorbeeld zien of specifieke genetische markers of mutaties aanwezig zijn.
Het opmerken van mutaties
Stel, we willen weten of een bepaald gen gemuteerd is. Als een restrictie-enzym het gezonde allel knipt in drie stukjes, maar een mutatie voorkomt dat hetzelfde enzym het gemuteerde allel kan knippen, dan eindigen we met verschillende patronen na gelelektroforese. Gezonde allelen tonen drie banden, terwijl gemuteerde allelen minder banden laten zien.
DNA fingerprinting en STR-gebieden
DNA fingerprinting maakt gebruik van STR (Short Tandem Repeats) gebieden, dit zijn loci met herhaalde DNA-sequenties op chromosomen. Deze gebieden variëren van persoon tot persoon, wat DNA fingerprinting ongelooflijk nuttig maakt voor identificatiedoeleinden.
Je erft voor elke STR-locus één allel van je vader en één van je moeder. Zo kun je een allel met 14 herhalingen van je vader erven en een allel met 4 herhalingen van je moeder. Hierdoor ontstaat een unieke DNA-fingerprint. Deze kennis kan ook worden toegepast bij kansberekening. Elke ouder heeft namelijk twee allelen voor elk gen. De kans dat het kind 1 van die twee allelen overerft, is dus 1/2.
Let er op dat de kans op een specifieke combinatie van allelen wordt berekend door de individuele kansen met elkaar te vermenigvuldigen. Daarnaast is het zo dat als je de kans moet berekenen dat bijvoorbeeld een tweede kind hetzelfde genotype krijgt als het eerste kind, dat alleen een kansberekening telt voor het tweede kind, omdat de eerste als het ware de code ‘bepaalt’.
Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool
Helemaal compleet!
Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Heel overzichtelijk
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Beter dan YouTube
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.
Waarom kies je voor JoJoschool?
Hoger scoren
86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.
Betaalbaar en beter
Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.
Sneller begrijpen
83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.