Wat is gaswisseling?
Leerdoelen
•Je kunt vertellen wat de onderdelen van het ademhalingsstelsel zijn en wat hun functies zijn.
•Je kunt uitleggen waarom ademen door je neus gezonder is dan door je mond.
•Je kunt uitleggen hoe je luchtpijp open blijft.
Het ademhalingsstelsel
Het ademhalingsstelsel bestaat uit alle onderdelen die gaswisseling mogelijk maken. Gaswisseling is het uitwisselen van twee gassen, namelijk zuurstof en koolstofdioxide. Ademen is het opnemen van zuurstof uit de lucht en koolstofdioxide afgeven aan de lucht. Zuurstof is nodig voor de verbranding in ons lichaam.
Onderdelen van het ademhalingsstelsel
We kunnen ademen via onze mond, maar we kunnen ook ademen via onze neus. De lucht stroomt vanuit de mondholte of neusholte door naar je keelholte. Vervolgens stroomt de lucht langs het strottenhoofd de luchtpijp in. De luchtpijp bestaat uit kraakbeenringen die ervoor zorgen dat je luchtpijp stevig is en open blijft.
De luchtpijp gaat zich vervolgens vertakken in twee takken, de bronchiën. Die bronchiën gaan zich ook weer vertakken in veel kleinere takjes, de luchtpijptakjes. Aan het eind van elk luchtpijptakje vinden we longblaasjes, waar gaswisseling plaatsvindt.

Gaswisseling in de longblaasjes
Zuurstof vanuit de lucht in de longblaasjes gaat naar het bloed, dat zuurstof naar alle onderdelen in je lichaam vervoert. Koolstofdioxide ontstaat tijdens de verbranding in ons lichaam en komt terecht in onze bloedbaan, uiteindelijk in onze longen en longblaasjes, en wordt weer afgegeven aan de lucht in de longblaasjes.
Om de longblaasjes vinden we haarvaten. Haarvaten zijn bloedvaten van één cel dik, waardoor gaswisseling heel makkelijk kan plaatsvinden. Gaswisseling kan snel verlopen om de volgende vier redenen:
1.We hebben heel veel longblaasjes
2.De longblaasjes zijn heel dun
3.We hebben heel veel haarvaten om onze longblaasjes
4.Omdat we steeds blijven ademhalen, wordt de lucht in onze longen constant ververst

Waarom ademen door je neus gezonder is
Lucht is vaak droog en bevat veel stofdeeltjes en ziekteverwekkers. In je neus vinden we neusharen die grote stofdeeltjes tegenhouden. We hebben ook een neusslijmvlies in onze neus. Het neusslijmvlies bevochtigt en verwarmt de binnenstromende lucht, en ziekteverwekkers en stofdeeltjes blijven aan het slijm plakken. Hierdoor komen deze niet terecht in onze longen. Verder hebben we ook in onze neus een reukzintuig, dat de binnenstromende lucht keurt. Als je bijvoorbeeld iets ruikt wat stinkt, krijgt jouw lichaam een waarschuwing voor mogelijk gevaar, zoals brand, bedorven eten of giftig gas.














