De macro-economie bestudeert de economie als geheel. Om een goed beeld te krijgen van hoe het met de economie van een land gaat, kijken economen naar verschillende belangrijke cijfers, de zogenaamde 'kerngetallen'. Deze getallen geven inzicht in de prestaties en gezondheid van de economie.
De belangrijkste kerngetallen van de macro-economie zijn:
- Bruto Binnenlands Product (BBP): Dit is de totale waarde van alle goederen en diensten die in een land in een bepaalde periode (meestal een jaar) worden geproduceerd. Het BBP is de meest gebruikte indicator om de omvang en groei van een economie te meten. Een stijgend BBP betekent meestal dat de economie groeit.
- Inflatie: Dit is de stijging van het algemene prijspeil van goederen en diensten over een bepaalde periode. Als de inflatie hoog is, worden producten duurder en kun je met hetzelfde geld minder kopen. De koopkracht van mensen neemt dan af.
- Werkloosheidscijfer: Dit percentage geeft aan welk deel van de beroepsbevolking werkloos is en actief op zoek is naar werk. Een laag werkloosheidscijfer duidt meestal op een gezonde economie waarin veel mensen een baan hebben.
- Rentestand: Dit is de rente die centrale banken (zoals de Europese Centrale Bank) vragen aan commerciële banken. De rentestand beïnvloedt hoeveel het kost om geld te lenen en hoeveel je krijgt als je spaart. Het heeft invloed op investeringen en bestedingen in de economie.
- Overheidstekort en staatsschuld: Het overheidstekort is het verschil tussen de uitgaven en inkomsten van de overheid in een jaar. De staatsschuld is de totale hoeveelheid geld die de overheid in de loop der jaren heeft geleend. Deze cijfers geven inzicht in de financiële situatie van de overheid.
- Handelsbalans: Dit is het verschil tussen de waarde van de goederen en diensten die een land exporteert (verkoopt aan het buitenland) en importeert (koopt van het buitenland). Een positieve handelsbalans (meer export dan import) kan duiden op een sterke internationale concurrentiepositie.
Deze kerngetallen worden door overheden, bedrijven en economen gebruikt om de economie te analyseren, beleid te maken en toekomstige ontwikkelingen te voorspellen.