"Hoogstens" in kansrekening betekent "dat aantal of minder". Als je bijvoorbeeld spreekt over "hoogstens 4 keer", dan bedoel je alle uitkomsten van 0, 1, 2, 3 én 4 keer. In wiskundige notatie wordt dit vaak geschreven als X≤4.
Om de kans te berekenen op "hoogstens k successen" (P(X≤k)) in een reeks onafhankelijke pogingen (zoals bij een binomiale verdeling), moet je de kansen op elk individueel aantal successen vanaf 0 tot en met k bij elkaar optellen.
De formule hiervoor is:
P(X≤k)=P(X=0)+P(X=1)+⋯+P(X=k)
Elke individuele kans P(X=x) (waarbij x het aantal successen is) wordt berekend met de formule voor de binomiale verdeling:
P(X=x)=(xn)px(1−p)n−x
Hierin is:
- n = het totale aantal pogingen.
- p = de kans op 'succes' per enkele poging.
- x = het specifieke aantal successen waarvoor je de kans berekent.
- (xn) = het aantal manieren om x successen te krijgen in n pogingen, wat berekend wordt als x!(n−x)!n!.
Een voorbeeld:
Stel, je gooit 10 keer met een dobbelsteen en je wilt de kans berekenen op "hoogstens 2 keer een 6".
- Bepaal n en p:
- n=10 (aantal worpen).
- 'Succes' is een 6 gooien, dus p=61.
- Bepaal k:
- "Hoogstens 2 keer een 6" betekent k=2. Je moet dus de kansen op 0, 1 en 2 keer een 6 optellen.
- Bereken de individuele kansen:
- P(X=0)=(010)(61)0(65)10
- P(X=1)=(110)(61)1(65)9
- P(X=2)=(210)(61)2(65)8
- Tel de kansen op:
P(X≤2)=P(X=0)+P(X=1)+P(X=2)
Je kunt dit vaak snel met een grafische rekenmachine berekenen met functies zoals binomcdf (binomiaal cumulatieve distributie functie), waarbij je direct P(X≤k) kunt vinden.