Met de balansmethode bereken je de waarde van de onbekende letter (de variabele) in een vergelijking. Je gebruikt deze methode dus om vergelijkingen op te lossen.
Hoe werkt de balansmethode?
Het idee achter de balansmethode is dat een vergelijking als een weegschaal is: wat je aan de ene kant doet, moet je ook aan de andere kant doen om de balans gelijk te houden. Het doel is om de variabele (meestal 'x') alleen aan één kant van het isgelijkteken te krijgen.
Stappen:
- Haal alle termen met de variabele naar één kant van het isgelijkteken. Dit doe je door termen op te tellen of af te trekken aan beide kanten.
- Haal alle constante termen (getallen zonder variabele) naar de andere kant. Dit doe je ook door op te tellen of af te trekken aan beide kanten.
- Deel beide kanten door het getal dat voor de variabele staat om de waarde van de variabele te vinden.
Voorbeeld:
Stel, je hebt de vergelijking: 3x+5=14
- Haal de constante term '+5' naar de rechterkant door aan beide kanten 5 af te trekken:
3x+5−5=14−5
3x=9
- Deel beide kanten door het getal voor 'x', dat is 3:
33x=39
x=3
Je hebt nu berekend dat de waarde van de onbekende variabele x gelijk is aan 3.