De hartkleppen zijn niet hetzelfde als de aortaklep of de longslagaderklep. Er zijn twee hoofdtypen kleppen in het hart, die elk op een andere plek zitten en een specifieke naam hebben:
-
Hartkleppen (of boezem-kamerkleppen):
- Deze kleppen bevinden zich tussen de boezems en de kamers van het hart.
- Ze zorgen ervoor dat het bloed vanuit de boezems naar de kamers stroomt en voorkomen dat het bloed terugstroomt naar de boezems wanneer de kamers samentrekken.
- Voorbeelden hiervan zijn de tricuspidalisklep (tussen rechterboezem en rechterkamer) en de mitralisklep (tussen linkerboezem en linkerkamer).
-
Halvemaanvormige kleppen:
- Deze kleppen bevinden zich aan de uitgang van de kamers, tussen de kamers en de grote slagaders.
- Ze voorkomen dat bloed terugstroomt naar de kamers wanneer het hart ontspant.
- De aortaklep is een halvemaanvormige klep die tussen de linkerkamer en de aorta zit.
- De longslagaderklep (of pulmonalisklep) is een halvemaanvormige klep die tussen de rechterkamer en de longslagader zit.
De aortaklep en de longslagaderklep zijn dus specifieke soorten halvemaanvormige kleppen, terwijl de hartkleppen de kleppen tussen de boezems en kamers zijn. Ze hebben allemaal de functie om de bloedstroom in één richting te houden, maar ze zitten op verschillende plekken in het hart.