Om de structuurformule van buteen te tekenen, volg je deze stappen:
-
Identificeer het aantal koolstofatomen (C):
De naam "but-" in buteen geeft aan dat het molecuul 4 koolstofatomen in de hoofdketen heeft.
-
Identificeer het type bindingen:
De uitgang "-een" geeft aan dat het een alkeen is. Dit betekent dat er één dubbele binding (C=C) tussen twee koolstofatomen in het molecuul aanwezig is.
-
Teken de koolstofketen met de dubbele binding:
- Plaats de 4 koolstofatomen in een rij.
- Plaats de dubbele binding op een mogelijke positie. Bij buteen zijn er twee hoofdvarianten, afhankelijk van waar de dubbele binding zich bevindt:
- But-1-een: De dubbele binding zit tussen het eerste en tweede koolstofatoom. De basisstructuur is dan
C=C-C-C.
- But-2-een: De dubbele binding zit tussen het tweede en derde koolstofatoom. De basisstructuur is dan
C-C=C-C.
-
Vul aan met waterstofatomen (H) totdat elk koolstofatoom 4 bindingen heeft:
Elk koolstofatoom moet in totaal precies 4 bindingen aangaan om stabiel te zijn. Tel voor elk koolstofatoom hoeveel bindingen het al heeft met andere koolstofatomen en vul de resterende bindingen aan met waterstofatomen.
- Koolstofatomen die deel uitmaken van een dubbele binding (C=C): Deze hebben al 2 bindingen met een ander koolstofatoom. Ze moeten dus nog 2 bindingen aangaan, meestal met waterstofatomen.
- Koolstofatomen die alleen enkele bindingen aangaan (C-C):
- Een koolstofatoom aan het uiteinde van de keten (met één C-C binding) moet nog 3 bindingen aangaan, meestal met waterstofatomen.
- Een koolstofatoom in het midden van de keten (met twee C-C bindingen) moet nog 2 bindingen aangaan, meestal met waterstofatomen.
Voorbeeld: Het tekenen van but-1-een
Laten we de stappen toepassen voor but-1-een, waarvan de koolstofketen C=C-C-C is:
- Eerste koolstofatoom (links): Dit C-atoom heeft een dubbele binding met het tweede C-atoom (2 bindingen). Het heeft nog 2 bindingen nodig, dus er komen 2 waterstofatomen aan vast (
CH₂).
- Tweede koolstofatoom: Dit C-atoom heeft een dubbele binding met het eerste C-atoom (2 bindingen) en een enkele binding met het derde C-atoom (1 binding). Totaal 3 bindingen. Het heeft nog 1 binding nodig, dus er komt 1 waterstofatoom aan vast (
CH).
- Derde koolstofatoom: Dit C-atoom heeft een enkele binding met het tweede C-atoom (1 binding) en een enkele binding met het vierde C-atoom (1 binding). Totaal 2 bindingen. Het heeft nog 2 bindingen nodig, dus er komen 2 waterstofatomen aan vast (
CH₂).
- Vierde koolstofatoom (rechts): Dit C-atoom heeft een enkele binding met het derde C-atoom (1 binding). Het heeft nog 3 bindingen nodig, dus er komen 3 waterstofatomen aan vast (
CH₃).
De volledige structuurformule van but-1-een is dan:
H H
| |
H-C=C-CH₂-CH₃
Of meer uitgeschreven:
H H
| |
H-C=C-C-C-H
| | |
H H H
Voorbeeld: Het tekenen van but-2-een
Laten we de stappen toepassen voor but-2-een, waarvan de koolstofketen C-C=C-C is:
- Eerste koolstofatoom (links): Dit C-atoom heeft een enkele binding met het tweede C-atoom (1 binding). Het heeft nog 3 bindingen nodig, dus er komen 3 waterstofatomen aan vast (
CH₃).
- Tweede koolstofatoom: Dit C-atoom heeft een enkele binding met het eerste C-atoom (1 binding) en een dubbele binding met het derde C-atoom (2 bindingen). Totaal 3 bindingen. Het heeft nog 1 binding nodig, dus er komt 1 waterstofatoom aan vast (
CH).
- Derde koolstofatoom: Dit C-atoom heeft een dubbele binding met het tweede C-atoom (2 bindingen) en een enkele binding met het vierde C-atoom (1 binding). Totaal 3 bindingen. Het heeft nog 1 binding nodig, dus er komt 1 waterstofatoom aan vast (
CH).
- Vierde koolstofatoom (rechts): Dit C-atoom heeft een enkele binding met het derde C-atoom (1 binding). Het heeft nog 3 bindingen nodig, dus er komen 3 waterstofatomen aan vast (
CH₃).
De volledige structuurformule van but-2-een is dan:
H H
| |
CH₃-C=C-CH₃
Of meer uitgeschreven:
H H
| |
H-C-C=C-C-H
| | | |
H H H H