Het conflict tussen Oranjegezinden en Staatsgezinden was een centraal thema in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, vooral tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621). Dit conflict had zowel politieke als religieuze aspecten.
De partijen:
- Oranjegezinden waren aanhangers van de stadhouders uit het Huis van Oranje. Zij streefden vaak naar een sterkere centrale overheid en een krachtige militaire leider, de stadhouder, die de leiding had over het leger en de vloot.
- Staatsgezinden waren voornamelijk regenten, vaak afkomstig uit koopmanskringen. Zij hechtten veel waarde aan de zelfstandigheid (particularisme) van de gewesten en zagen handel en welvaart als cruciaal. Zij waren vaak tegen een sterke stadhouder en streefden naar minder centralisatie. Een bekend voorbeeld is Johan de Witt, die in 1650 besloot geen stadhouder aan te stellen.
Het conflict tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621):
Tijdens deze wapenstilstand met Spanje kwam de tegenstelling tussen Oranjegezinden en Staatsgezinden tot een hoogtepunt in de ruzie tussen stadhouder Maurits (Oranjegezind) en raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt (Staatsgezind).
-
Politieke dimensie:
- Maurits stond voor een sterke centrale overheid en wilde de oorlog tegen Spanje voortzetten, omdat hij vreesde dat Spanje de wapenstilstand zou gebruiken om zich te herstellen.
- Van Oldenbarnevelt daarentegen, als raadpensionaris en vertegenwoordiger van de gewesten (vooral Holland), pleitte voor het bewaren van de soevereiniteit van de afzonderlijke gewesten en wilde de vrede met Spanje handhaven om de handel te bevorderen.
Deze fundamentele verschillen over de inrichting van de staat en de voortzetting van de oorlog zorgden voor grote spanningen.
-
Religieuze dimensie (gematigden en orthodoxen):
Hoewel de specifieke rollen van 'gematigden' en 'orthodoxen' binnen dit conflict tijdens het Twaalfjarig Bestand niet diepgaand worden beschreven in de beschikbare lesstof, speelden religieuze spanningen een constante rol in de Nederlanden. De maatschappij was verdeeld tussen verschillende protestantse stromingen, zoals de remonstranten (vaak 'gematigden' genoemd, die de kant van Van Oldenbarnevelt kozen) en de contraremonstranten (vaak 'orthodoxen' genoemd, die de kant van Maurits kozen). Deze religieuze verschillen konden de politieke tegenstellingen tussen de Oranjegezinden en Staatsgezinden versterken.
Uiteindelijk leidde deze strijd tot de arrestatie en onthoofding van Johan van Oldenbarnevelt op bevel van Maurits.