Leerdoelen
•Je kunt de definitie van een samengesteld figuur uitleggen.
•Je kunt een samengesteld figuur opsplitsen in eenvoudigere basisfiguren.
•Je kunt de oppervlakte van een samengesteld figuur berekenen door de oppervlaktes van de basisfiguren op te tellen of af te trekken.
•Je kunt de omtrek van een samengesteld figuur berekenen door de lengtes van de buitenste zijden op te tellen.
•Je kunt de formules voor de oppervlakte en omtrek van een rechthoek, driehoek en cirkel correct toepassen.
•Je kunt de stelling van Pythagoras toepassen om ontbrekende zijden te berekenen die nodig zijn voor de oppervlakte- of omtrekbepaling.
•Je kunt complexe rekenopdrachten met samengestelde figuren oplossen en daarbij de juiste stappen en eenheden gebruiken.
Wat zijn samengestelde figuren?
Stel je voor dat je een huis bouwt van LEGO. Je gebruikt verschillende blokjes: rechthoekige, ronde, en misschien zelfs driehoekige. Een samengesteld figuur is eigenlijk precies zoiets in de wiskunde: het is een figuur die bestaat uit twee of meer basisfiguren die aan elkaar vastzitten. Denk aan een rechthoek met een halve cirkel eraan, of een huisje met een rechthoekig grondvlak en een driehoekig dak.
Om de oppervlakte of de omtrek van zo'n figuur te berekenen, is het handig om het figuur op te splitsen of te verdelen in de bekende basisfiguren. Dit kunnen bijvoorbeeld een rechthoek, een vierkant, een driehoek of een cirkel (of een deel ervan) zijn. Als je eenmaal weet uit welke basisfiguren een samengesteld figuur bestaat, wordt het berekenen een stuk makkelijker.

Oppervlakte van samengestelde figuren berekenen
De oppervlakte van een figuur is hoeveel ruimte het inneemt. Bij samengestelde figuren ga je eerst de oppervlakte van elk los onderdeel berekenen. Daarna tel je die oppervlaktes bij elkaar op, of je trekt ze van elkaar af, afhankelijk van de vorm.
Hier zijn de formules die je moet kennen voor de basisfiguren:
•Oppervlakte rechthoek:
•Oppervlakte driehoek:
•Oppervlakte cirkel:
Voorbeeld 1
Laten we eens kijken naar het figuur dat we eerder zagen: een rechthoek met daaraan een halve cirkel en een driehoek.

Stel dat de afmetingen zijn:
•De rechthoek is
•De driehoek heeft een basis van
•De halve cirkel heeft een diameter van
We berekenen de oppervlakte in drie stappen:
Deel 1: Oppervlakte driehoek
•
•
•
Deel 2: Oppervlakte rechthoek
•
•
•
Deel 3: Oppervlakte halve cirkel
•
•
•
Alle delen bij elkaar
Nu tellen we alle berekende oppervlaktes bij elkaar op. Het is heel belangrijk om niet tussendoor af te ronden! Gebruik zoveel mogelijk decimalen tijdens je berekening en rond pas op het allerlaatste moment af.
•
Afgerond op één decimaal is de totale oppervlakte:
Omtrek van samengestelde figuren berekenen
De omtrek is de totale lengte van de buitenrand van een figuur. Denk eraan als een hek dat je om de figuur heen zet. Je volgt letterlijk alle buitenste lijnen van het figuur en telt hun lengtes bij elkaar op. Let op: lijnen die binnenin het figuur liggen, horen niet bij de omtrek.
Bij het berekenen van de omtrek van een samengestelde figuur loop je als het ware langs de rand. Je telt alleen de lengtes van de zijkanten op die je zou kunnen aanraken als je eromheen zou lopen.
Naast het optellen van rechte lijnen, heb je misschien deze formules nodig:
•Omtrek cirkel:
•Stelling van Pythagoras:
Voorbeeld 1
Laten we weer naar ons figuur kijken om de omtrek te berekenen. Gegeven is dat de hoogtelijn de basis van

Deel 1: Rechte zijden
•We hebben een rechte zijde van
•En nog een rechte zijde van
•
Deel 2: Omtrek halve cirkel
•
•
•
Deel 3: Omtrek driehoekszijden
•Om de lengte van de schuine zijden te berekenen, verdelen we de driehoek met een hulplijn (de hoogte) in twee rechthoekige driehoeken: de een met rechthoekszijden van
•Volgens Pythagoras:
•Voor de eerste driehoek:
•
•
•
•
•Voor de tweede driehoek:
•
•
•
•
Deze zijden bij elkaar zijn dus
Alle delen bij elkaar
Tel alle buitenste lengtes bij elkaar op:
•
Afgerond op één decimaal is de totale omtrek:
Een uitdagende opdracht
Laten we een complexere situatie bekijken, zoals een tuinaanleg. Stel, je hebt een tuin van
De afmetingen:
•Tuin: rechthoek van
•Vijver: ronde vorm met een diameter van
•Zandbak: een gelijkbenige driehoek is met een basis van

We gaan de oppervlakte voor het gras bepalen door de oppervlakte van de tuin te berekenen, en daarvan de oppervlakte van de vijver en de zandbak af te trekken.
Stap 1: Oppervlakte van de tuin
De tuin is een rechthoek:
•
•
•
Stap 2: Oppervlakte van de vijver
De vijver is een cirkel:
•
Stap 3: Oppervlakte van de zandbak
De zandbak is een driehoek met alle zijden gelijk aan
We moeten eerst de hoogte van de driehoek berekenen met Pythagoras:
•
•
•De andere korte zijde (de hoogte) = ?
•Volgens Pythagoras:
•
•
•
•
•
Nu we de hoogte hebben, kunnen we de oppervlakte van de driehoekige zandbak berekenen:
•
•
•
Stap 4: Het uiteindelijke antwoord
Nu trekken we de oppervlaktes van de vijver en de zandbak af van de totale oppervlakte van de tuin:
•
•
•
Afgerond op hele vierkante meters (zoals vaak gevraagd bij dit soort sommen, of anders op één decimaal) is het aantal vierkante meters gras dat je moet zaaien:




