Er zitten 1700 leerlingen op een school. 1% van de leerlingen is ziek.
Hoeveel leerlingen zijn er ziek?

•Je kunt aantallen berekenen met behulp van een procententabel.
•Je kunt een procententabel correct invullen door 100%, 1% en het gevraagde percentage te gebruiken.
•Je kunt aantallen afronden op basis van berekende percentages.
Een procententabel helpt je om snel en efficiënt met percentages te rekenen. Stel je voor, je wilt uitrekenen hoeveel van iets een bepaald percentage is. Een procententabel bestaat uit drie belangrijke onderdelen:
•Procenten: Wat is het percentage waar je mee rekent?
•Aantal: Hoeveel is dat in werkelijke getallen?
•100%: Dit vertegenwoordigt het geheel, alles bij elkaar.

In de kolom 100% schrijf je het totale aantal. Dit is altijd je uitgangspunt.
Om van 100% naar 1% te gaan, deel je door 100. Om van 1% naar het gevraagde percentage te gaan, vermenigvuldig je met dat percentage.
In deze kolom komt het percentage waarvan je het aantal wilt berekenen.
In een klas met 30 leerlingen gaat 86,7% met de fiets naar school. Hoe pakken we dit aan?
1.Teken een procententabel: Zet de percentages aan de ene kant en de aantallen aan de andere kant.
2.Vul de bekende getallen in: De 100% staat voor de hele klas, dus zet onder de 100% het aantal van 30 leerlingen. De 86,7% is het deel dat we willen uitrekenen, dus dit getal zetten we aan de kant van de percentages.
3.Gebruik de tussenkolom: Door een tussenstap te maken met 1%, maak je het rekenen makkelijker. Van 100 naar 1 is simpelweg delen door 100, en van 1 naar 86,7 is dan keer 86,7.
4.Bereken het aantal: Gebruik je rekenmachine om in één keer 30 (het totale aantal) te delen door 100 en dan te vermenigvuldigen met 86,7. Dit geeft 26,01 leerlingen, wat we afronden naar 26 leerlingen.

Het station in Haarlem heeft ruimte voor 5020 fietsen. 91,2% van de plekken is bezet. Hoeveel fietsen staan er?
De 100% is in dit geval 5020 (de totale capaciteit). De 91,2% (het deel dat je wilt uitrekenen) zet je aan de kant van de percentages. Vul de tabel in: er staan 4578 fietsen in de stalling.

Aan het begin stelden we de vraag: Als er 28 leerlingen in jouw klas zitten en ongeveer 42,9% ervan is een jongen, hoeveel meisjes zitten er dan in de klas?
Na het invullen van de tabel zijn er 12 jongens.
Het aantal meisjes is dan 28 - 12 = 16 meisjes.



Peter SmithAantallen berekenen: uitleg, samenvatting en oefenen
Krijg de beste uitleg over klassamenstelling berekenen, leerlingen aantal berekenen, percentages berekenen, percentages omzetten, procenten in praktijk, procententabel en rekenen met procenten. Op deze pagina vind je:
Ondersteund door Ainstein, onze AI-hulp die je vragen stap voor stap beantwoordt.
Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.







