Vraag 12
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
5 punten
Open vraag

Op een plek langs de Nederlandse kust (in figuur 2 het puntO) maakt de kustlijn een hoek van30^{\circ}met het noorden. Op zekere dag waait de wind\vec{w}_{\mathrm{d}}met een snelheid van5 \mathrm{~m} / \mathrm{s}in zuidwestelijke richting. De wind\vec{w}_{z}heeft een snelheid van3 \mathrm{~m} / \mathrm{s}en staat loodrecht op de kustlijn.

In figuur 2 zijn de lijn noord-zuid en de lijn oost-west de assen van het assenstelsel. De lijn doorOwaar vector\vec{w}_{\mathrm{d}}op ligt, is gestippeld getekend; die maakt dus een hoek van45^{\circ}met het noorden.

Figuur 2 staat ook op de uitwerkbijlage.

figuur 2
figuur 2

Bereken algebraïsch de snelheid in\mathrm{m} / \mathrm{s}van de resulterende wind. Geef je eindantwoord in één decimaal. Je kunt bij deze vraag de uitwerkbijlage gebruiken.

Op deze pagina behandelen we vraag 12 van het centraal examen wiskunde B vwo 2019 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Wind aan zee, en is 5 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden