Vraag 19
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
  • Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
  • Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
4 punten
Open vraag

Het bedrag dat Casper per maand betaalt, bestaat voor een deel uit rente$(I)en voor een deel uit aflossing$(F). Er geldt dus:$B=I+F.

Aan het begin van de looptijd bestaat dit bedrag voor het grootste deel uit rente en slechts voor een klein deel uit aflossing, maar naarmate er meer afgelost wordt, neemt het rentedeel af en de aflossing toe.

Voor de hypotheek van Casper is met$B=1225{,}10het verloop van$Ien$Fweergegeven in de figuur.

Voor Casper kan de aflossing van zijn hypotheek benaderd worden met de formule

F=345,24 \mathrm{e}^{0,0035 n}

met$nin maanden.

figuur
figuur

€ 600,00

Bereken na hoeveel maanden Casper voor het eerst meer € 400,00 het eerst meer aflossing dan rente betaalt. € 200,00 betaalt.

Op deze pagina behandelen we vraag 19 van het centraal examen wiskunde A vwo 2022 tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Hypotheek, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden