Vraag 8
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
3 punten
Open vraag

In eerste instantie rekende de SKS met formule Amels, maar deze formule is in 2000 aangepast en opnieuw aangepast in 2016:

\begin{array}{ll} S=1,90 \cdot L \cdot(B+2 D) & \text { (formule Amels) } \\ S=2,15 \cdot L \cdot(B+2 D) & \text { (formule 2000) } \\ S=2,15 \cdot L \cdot(\frac{2}{3} B+1,25+2 D) & \text { (formule 2016) } \end{array}

Hierin isShet maximaal toegestane zeiloppervlak inm^2,\;Lde lengte van het skûtsje,Bde breedte enDde diepgang\left(L,\;B\right.enDin meters).

Voor het IFKS-kampioenschap worden andere regels gehanteerd voor het maximaal toegestane zeiloppervlak. Hier wordt gebruikgemaakt van de volgende formule:

S=(3,2525-0,05L)\cdot L\cdot B\;\;\;\;\;\;\text{ (formule IFKS) }

Hierin isShet maximaal toegestane zeiloppervlak inm^2,\;Lde lengte van het skûtsje enBde breedte (LenBin meters).

Voor een skûtsje met een breedte van3{,}52 \mathrm{~m}en een diepgang van0{,}42 \mathrm{~m}geeft formule 2016 van de SKS een zeiloppervlak dat25 \mathrm{~m}^{2}groter is dan het toegestane zeiloppervlak volgens formule IFKS.

Bereken de lengte van dit skûtsje. Geef je antwoord in meters en in twee decimalen.

Bijbehorende onderwerpen

Op deze pagina behandelen we vraag 8 van het centraal examen wiskunde A vwo 2022 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Skûtsjesilen, en is 3 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden

De onderwerpen bij deze vraag zijn:

  • Vergelijking oplossen & stelsel vergelijkingen