
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
- Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
- Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
- Stel vragen en krijg direct antwoord


De waarde van individuele aandelen op de Amsterdamse beurs is aan fluctuaties onderhevig. Hierdoor kan ook de totale beurswaarde, dat is de totale waarde van alle aandelen die op de Amsterdamse beurs genoteerd staan, flinke schommelingen vertonen. Dit zie je bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van de totale beurswaarde in de eerste drie kwartalen van 2008. In figuur 1 zijn zowel de absolute als de relatieve maandelijkse toenamen van de totale beurswaarde voor de eerste drie kwartalen van 2008 weergegeven.

In figuur 1 valt bijvoorbeeld af te lezen dat de totale beurswaarde in januari 2008 maar liefst 73 miljard euro lager was dan in december 2007, wat overeenkwam met een daling van$14 \%.
4 punten
Open vraag
Dat$Cen$Rvoor steeds groter wordende positieve waarden van$Rsteeds meer verschillen, volgt onder andere uit het feit dat de helling van de lijn met vergelijking$C=Rgelijk is aan 1 , terwijl de helling van de grafiek van$Cvoor alle positieve waarden van$Rkleiner dan 1 is.
Toon met behulp van de afgeleide$\frac{\mathrm{d} C}{\mathrm{~d} R}aan dat de helling van de grafiek van$Cvoor alle positieve waarden van$Rkleiner is dan 1 .
Op deze pagina behandelen we vraag 17 van het centraal examen wiskunde A vwo 2021 – tijdvak 3. Deze vraag is onderdeel van Rendementen, en is 4 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
- Oude antwoorden terugzien
- Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
- Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden