Vraag 13
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
4 punten
Open vraag

Efficiëntie van een verpakking

Bedrijven willen zo efficiënt mogelijk omgaan met verpakkingsmateriaal.

Meestal is er een vaststaande inhoud en wil men dat de oppervlakte van de verpakking zo klein mogelijk wordt, maar je kunt het ook andersom bekijken: bij een bepaalde oppervlakte wil je een verpakking met zo groot mogelijke inhoud. De maximale inhoud krijg je als je een bol neemt, maar een bol als verpakkingsmateriaal is vaak niet handig.

Om de efficiëntie$Evan een verpakking met een inhoud$Ven een oppervlakte$Ate weten te komen, vergelijk je de inhoud$Vvan die verpakking met de inhoud van een bol met diezelfde oppervlakte$A.

Er geldt:

formule 1:$E=\frac{\text { inhoud } V \text { van verpakking met oppervlakte } A}{\text { inhoud van bol met oppervlakte } A}

Voor een bol geldt het volgende:

formule 2: Oppervlakte bol$=12{,}57 r^{2}

formule 3: Inhoud bol$=4{,}19 r^{3}

In deze formules is$rde straal van de bol.

Uitgaande van de formules 1, 2 en 3 geldt voor de efficiëntie van een verpakking de volgende formule:

E=\frac{V}{4,19(\sqrt{0,08 A})^{3}}

Toon met de formules 1, 2 en 3 aan dat deze laatste formule juist is.

Op deze pagina behandelen we vraag 13 van het centraal examen wiskunde A vwo 2019 tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Verpakkingen, en is 4 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden