Vraag 20
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
  • Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
  • Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
5 punten
Open vraag

De tijd die een sprinter loopt, hangt ook af van de wind die tijdens de sprint waait. Bij rugwind krijgt de sprinter als het ware een duwtje in de rug en zal hij een snellere tijd lopen. De Engelse wiskundige Barrow heeft voor het geval van rugwind de volgende formule afgeleid:

Z=1{,}03M-0{,}03M\cdot\left(1-\frac{W \cdot M}{100}\right)^2Z=1{,}03M-0{,}03M\cdot1-\frac{W \cdot M}{100})^2Z=1{,}03M-0{,}03M\cdot(1-\frac{W \cdot M}{100})^2Z=103M-0{,}03M\cdot(1-\frac{W \cdot M}{100})^2Z=1,03M-0{,}03M\cdot(1-\frac{W \cdot M}{100})^2Z=1,03M-003M\cdot(1-\frac{W \cdot M}{100})^2Z=1,03 M-0,03 M \cdot(1-\frac{W \cdot M}{100})^{2}

Hierin is$Mde tijd (in seconden) die gelopen wordt met rugwindsnelheid$W(in meters per seconde) en$Zde tijd (in seconden) die gelopen wordt zonder wind.

Een geregistreerde tijd mag alleen als record tellen als de rugwindsnelheid niet groter is dan2{,}020meter per seconde. Toen Bolt in Berlijn zijn wereldrecord van9{,}58958seconden liep, was de rugwindsnelheid0{,}909meter per seconde.

Bereken met behulp van de formule welke tijd Bolt gehaald zou hebben als de rugwindsnelheid2{,}020meter per seconde was geweest. Geef je antwoord in twee decimalen.

Bijbehorende onderwerpen

Op deze pagina behandelen we vraag 20 van het centraal examen wiskunde A havo 2022 tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Sprinten met rugwind, en is 5 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden

De onderwerpen bij deze vraag zijn:

  • Vergelijking oplossen
  • Formules met meerdere variabelen