Voorbeelden van een juist argument voor de stelling zijn:
•PE wordt verwerkt tot plastic en papier wordt verwerkt tot toiletpapier. / Alle grondstoffen (PE en papier) kunnen na verwerking weer gebruikt worden voor nieuwe producten.
•Bij het proces ontstaat (blijkbaar) geen afval.
Voorbeelden van een juist argument tegen de stelling zijn:
•Het (stevige) papier van de bekers wordt gebruikt voor toiletpapier. Er is dus kwaliteitsverlies van het papier. / Er vindt downcycling plaats.
•Toiletpapier wordt niet gerecycled.
➤ Indien correct 1 punt:
➤ Indien correct 1 punt:
Opmerkingen
•Het volgende argument tegen de stelling goedrekenen: Uiteindelijk is het PE niet meer geschikt om nog verder te recyclen. / Uiteindelijk wordt PE verbrand.
•Het volgende argument tegen de stelling goedrekenen: Bij de verwerking van koffiebekers wordt water vervuild.
•Het volgende argument voor de stelling fout rekenen: PE wordt hergebruikt. / Papier wordt verwerkt tot toiletpapier.