IJzeren voorwerpen kunnen tegen corrosie worden beschermd door ze te 'verzinken'. Deze voorwerpen worden eerst enige tijd in een bad met 'beitszuur' gehangen om reeds aanwezig roest (


Thijs Brouwer- Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
- Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
- Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
Het proces dat hiervoor is beschreven kan vereenvoudigd worden weergegeven met een blokschema. Dit blokschema bevat drie blokken en vijf stofstromen:
•bad met beitszuur
•bad met zink
•ionenwisselaar
A: afvalzuur zonder
B: afvalzuur met
C: ijzeren voorwerpen met roest
D: ijzeren voorwerpen zonder roest
E: verzinkte ijzeren voorwerpen
Teken dit blokschema. Zet bij elke stofstroom de juiste letter (A tot en met E) uit de bovenstaande opsomming. Noteer ook de juiste aanduiding in de blokken.
Op deze pagina behandelen we vraag 33 van het centraal examen scheikunde havo 2019 – tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Beitsen en verzinken, en is 3 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
- Oude antwoorden terugzien
- Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
- De uitlegvideo van docent Thijs bekijken (video spoelt automatisch door naar het juiste moment)
- Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden
