Voorzetsel

Voorzetsel

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 04:26
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Open vraag

Benoem bij de volgende zinnen de voorzetsels:

1.De hond sprong in de vijver.

2.Zij leest graag boeken.

3.Ze liep naar de winkel.

4.Mijn zus houdt van dansen.

5.Hij zit achter de computer.

Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt uitleggen wat een voorzetsel is.

Je kunt voorzetsels herkennen en benoemen.

Wat zijn voorzetsels?

Voorzetsels zijn woorden die meestal het begin vormen van een woordgroep met een naamwoord of voornaamwoord als kern. Ze geven een relatie aan tussen de woordgroep waar ze deel van uitmaken en een ander deel van de zin, zoals het voorafgaande werkwoord.

Voorbeelden van voorzetsels

Voorzetsels kunnen verschillende dingen aangeven:

Tijd: na, voor, tijdens, binnen

Plaats: in, op, naast, achter

Oorzaak: door, vanwege

Voorbeeldzinnen
Voorbeeldzin
Uitleg
"Ik ga met de bus naar mijn oma."
Hier vormen "met de bus" en "naar mijn oma" woordgroepen met de voorzetsels "met" en “naar”.
"De man zit op de stoel."
"Op" is het voorzetsel dat de relatie tussen de man en de stoel aangeeft.
"Binnen twee maanden bel ik je."
In dit geval staat "binnen" voor de naamwoordelijke deel waar het bij hoort.

De paradox van voorzetsels

Hoewel we zeggen dat voorzetsels vóór de naamwoordgroep staan, kunnen ze soms ook achteraan verschijnen, wat tegenstrijdig lijkt.

Voorbeelden van achterzetsels

"Ik reis de hele wereld over."

Hier zie je dat "over" als achterzetsel functioneert, wat een beetje paradoxaal is voor een voorzetsel.

Voorzetsels en bijwoorden: de verwarring

Soms kunnen voorgestelde voorzetsels op bijwoorden lijken, wat kan leiden tot verwarring. Dit gebeurt vaak bij scheidbare samengestelde werkwoorden en naamwoordelijke gezegdes.

Scheidbare samengestelde werkwoorden

"Wanneer komen we in Groningen aan?"

In dit geval is "aan" geen voorzetsel, maar een onderdeel van het werkwoord "aankomen".

Naamwoordelijk gezegde

"Trainingspakken zijn in."

Hier geeft "in" een eigenschap weer van de trainingspakken, en functioneert het als een bijwoord in plaats van een voorzetsel.

Bijwoordelijke bepalingen van plaats

Bijwoordelijke bepalingen van plaats kunnen ook extra verwarring veroorzaken. Neem bijvoorbeeld de instructie: "Zit maar achterin."

"Achterin" is een combinatie van twee voorzetsels, maar functioneert hier als een bijwoord.

Veelgestelde vragen
Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo