Leg het verschil uit tussen afkortingen die je met en zonder punten schrijft. Geef twee voorbeelden van elk type afkorting en verklaar waarom ze op die manier worden geschreven.
Leerdoelen
•Je kunt verschillende manieren opnoemen waarop je woorden korter kunt schrijven.
•Je kunt woorden zelf correct afkorten.
Afkortingen met punten
Afkortingen met punten gebruik je als je de afkorting uitspreekt alsof het hele woord er staat. Voorbeelden:
•Bladzijden → blz.
•Enzovoort → enz.
•Ter attentie van → t.a.v.
Bij langere woordgroepen zoals ter attentie van zet je een punt na de eerste letter van elk woord. Schrijf deze afkortingen altijd met kleine letters.
Afkortingen zonder punten
Afkortingen zonder punten gebruik je als je de letters apart uitspreekt. Voorbeelden:
•Televisie → tv
•Collectieve arbeidsovereenkomst → cao
•Christelijk Democratisch Appel → CDA
Hoofdletters bij afkortingen
In principe schrijf je afkortingen met kleine letters, maar er zijn uitzonderingen. Hoofdletters gebruik je bij:
Namen
•CDA (politieke partij)
•EU (Europese Unie)
Wetten
•WW (Werkloosheidswet)
Ziekten
•COVID-19 (hoofdletters)
•MS
•hiv (kleine letters, uitzondering)
Engelse titels
•Master of Science → MSc
•Bachelor of Arts → BA
Let op: Nederlandse titels zoals ingenieur (ing.) schrijf je met kleine letters.
Symbolen: wetenschappelijke vs. gewone teksten
Symbolen worden gebruikt voor wetenschappelijke begrippen, eenheden of valuta.
In wetenschappelijke teksten noteer je alleen het symbool, bijvoorbeeld:
•Millimeter → mm
•Gram → g
•Seconde → s
In gewone teksten schrijf je een deel van het woord als afkorting, zoals:
•Gram → gr.
•Seconde → sec.













