In alinea 4 van tekst 1 vind je een argumentatie. De functie van elk gedeelte in deze argumentatie kan met behulp van functiewoorden worden weergeven.
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
- Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
- Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
- Stel vragen en krijg direct antwoord

3 punten
Open vraag
Neem de nummers van zin 2 tot en met 6 van de betreffende tekstgedeeltes over en noteer daarachter het juiste functiewoord. Je mag elk van de genoemde functiewoorden meer dan eens gebruiken. Kies uit de volgende functiewoorden: afweging, argument, nuancering, standpunt, subargument, toegeving, voorbehoud, voorwaarde, weerlegging.
zin 1 | Ik heb … onder historici. (regels 31-32) | constatering |
zin 2 | Mij is … dan niet-historici. (regels 33-35) | ….. |
zin 3 | Zij waren … als niet-historici. (regels 35-
38) | ….. |
zin 4 + 5 | Zagen zij … Helemaal niet. (regels 38-42) | ….. |
zin 6 | Met de … niet anders. (regels 42-43) | ….. |
zin 7 | Historici onderscheidden … verwarde
tijdgenoten. (regels 43-45) | herhaling
standpunt |
Bijbehorende onderwerpen
Op deze pagina behandelen we vraag 6 van het centraal examen Nederlands vwo 2021 – tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van Tekst 1 We leren (n)iets van de geschiedenis, en is 3 punten waard.
Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.
Daarnaast kun je:
- Oude antwoorden terugzien
- Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
- Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden
De onderwerpen bij deze vraag zijn:
- Soorten argumenten
- Tekstverbanden
- Argumentatiestructuren