Les over Lezen - Verbanden en signaalwoorden (2)

Les over Lezen - Verbanden en signaalwoorden (2)

Gemaakt door Ainstein
Lezen - Verbanden en signaalwoorden (2)
Deze video bestaat uit
  • Tekstverbanden en signaalwoordenTekstverbanden en signaalwoorden
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 01:22
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Verbanden en signaalwoorden leren herkennen in tekst

Leerdoelen

Je kunt uitleggen wat een tekstverband en een signaalwoord is.

Je kunt de tekstverbanden opsomming, tegenstelling, voorbeeld en oorzaak-gevolg herkennen in een tekst.

Je kunt de signaalwoorden benoemen die horen bij een voorbeeld en een oorzaak-gevolg.

Je kunt het verschil tussen een oorzaak en een gevolg uitleggen.

Wat zijn tekstverbanden en signaalwoorden?

In een tekst staan zinnen en alinea's nooit los van elkaar. Tekstverbanden geven aan hoe zinnen, woorden of alinea's zich tot elkaar verhouden en brengen zo samenhang aan in een tekst. Om deze verbanden makkelijk te kunnen herkennen, gebruik je signaalwoorden. Dit zijn woorden die als een 'verkeersbord' in de tekst dienen en de lezer helpen om de structuur en opbouw te begrijpen.

Bekende tekstverbanden

In eerdere hoofdstukken heb je al kennisgemaakt met twee veelvoorkomende tekstverbanden:

Opsomming: Dit verband noemt verschillende zaken achter elkaar. Je herkent een opsomming aan signaalwoorden zoals ten eerste, daarnaast, ook, tevens en bovendien.

Tegenstelling: Dit verband zet twee verschillende of tegenovergestelde zaken tegenover elkaar. Je herkent een tegenstelling aan signaalwoorden zoals maar, echter, toch, desondanks en aan de ene kant.

Nieuwe tekstverbanden

In dit hoofdstuk leer je twee nieuwe tekstverbanden en de bijbehorende signaalwoorden kennen.

Voorbeeld

Bij een voorbeeld wordt een algemene bewering verduidelijkt met een concreet voorbeeld. Dit helpt de lezer om de informatie beter te begrijpen. Je herkent een voorbeeld aan signaalwoorden zoals:

bijvoorbeeld

zo

zoals

denk aan

neem nou

onder andere

Voorbeeld: Sommige mensen houden juist van actieve vakanties. Zo gaan steeds meer vakantiegangers fietsen, wintersporten, diepzeeduiken of bergbeklimmen.

Oorzaak-gevolg

Een oorzaak-gevolg-verband laat zien hoe de ene gebeurtenis leidt tot een andere gebeurtenis. Dit gebeurt meestal buiten de directe wil of invloed van een persoon om. Je herkent dit verband aan signaalwoorden zoals:

daardoor

doordat

de oorzaak hiervan is

waardoor

ten gevolge van

Bij dit verband is er altijd sprake van twee delen:

1.De oorzaak: de reden waarom iets gebeurt (buiten iemands invloed).

2.Het gevolg: wat er door die oorzaak gebeurt.

Voorbeeld:Doordat de brug open was, kwam Peter te laat op zijn werk.

De oorzaak is hier: de brug was open.

Het gevolg is hier: Peter kwam te laat op zijn werk.