Figuur 1 is een foto van een viool. In de foto zijn enkele onderdelen benoemd.

Met een microfoon is het geluid opgenomen dat ontstaat bij het aanstrijken van een snaar. Op een computerscherm wordt het\left(u,t\right)\text{-diagram}\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)\left(u,t\right)$u, tvan figuur 2 zichtbaar. Het geluid blijkt een combinatie van verschillende tonen. De toon met de kleinste frequentie is de grondtoon.


