Vraag 23
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
3 punten
Open vraag

Een beugel wordt ook gebruikt om de stand van de kaak aan te passen. Om ervoor te zorgen dat de boven- en onderkaak goed op elkaar aansluiten, worden de boven- en onderkaak door elastiekjes met elkaar verbonden. Zie figuur 2.

figuur 2
figuur 2

Door een elastiekje wordt een kracht$F_{\text {elastiek }}uitgeoefend op de onderkaak.

Op de uitwerkbijlage is deze kracht getekend. Het elastiekje zorgt voor een moment zodat de kaak na verloop van tijd een stukje om draaipunt D gaat draaien.

Na het aanbrengen van het elastiekje oefent het een moment uit. De kaak oefent een tegengesteld moment uit van37\cdot10^{-3}\operatorname{Nm}. Er is momentenevenwicht. Er kan uit verschillende elastiekjes worden gekozen.

In de tabel in figuur 3 is voor vier elastiekjes de spankracht gegeven die ze op de kaak kunnen uitoefenen.

figuur 3

elastiekje
$\boldsymbol{F}(\mathbf{N})
1
0{,}8
2
1{,}2
3
1{,}4
4
1{,}8

Figuur 2 staat op ware grootte op de uitwerkbijlage.

Voer de volgende opdrachten uit:

Teken in de figuur op de uitwerkbijlage de arm van kracht$F_{\text {elastiek }}.

Bepaal met behulp van de figuur 3 welk elastiekje gebruikt moet worden.

Bijbehorende onderwerpen

Op deze pagina behandelen we vraag 23 van het centraal examen natuurkunde havo 2025 tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Beugel, en is 3 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden

De onderwerpen bij deze vraag zijn:

  • Momentenwet