Enkelvoudige ionen

Enkelvoudige ionen

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 06:45
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Ionaire verbinding
Een verbinding tussen een niet-metaal (vaak negatief geladen) en een metaal (meestal positief geladen)
Ionen
Atomen die elektrisch geladen zijn
Metaalverbinding
Een verbinding tussen twee metalen
Moleculaire verbinding
Een verbinding tussen een niet-metaal en een niet-metaal
Negatief ion
Een atoom met meer elektronen (minnetjes) dan protonen (plusjes)
Ontleedbare stof
Stoffen die bestaan uit meerdere elementen en die ontbonden kunnen worden
Positief ion
Een atoom met meer protonen (plusjes) dan elektronen (minnetjes)
Verhoudingsformule
Een formule die de verhouding van positieve en negatieve ionen in een neutraal zout weergeeft
Zout
Een ionaire verbinding die neutraal is, met evenveel plusjes als minnetjes
Zoutverbinding
Een ionaire verbinding tussen een niet-metaal (vaak negatief geladen) en een metaal (meestal positief geladen)
Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt uitleggen welke soorten ontleedbare stoffen er zijn.

Je kunt uitleggen hoe positieve en negatieve ionen ontstaan.

Je kunt de lading van ionen geven.

Je kunt een verhoudingsformule voor zouten maken.

Wat zijn ontleedbare stoffen?

Er zijn stoffen die je wel kunt ontleden en stoffen die je niet kunt ontleden. Gewone elementen, zoals losse atomen, kun je niet ontleden. Een atoom is een atoom; daar kun je geen half atoom van maken. Maar als atomen aan elkaar vastzitten met een verbinding, kun je die verbindingen wel ontleden. Stoffen die bestaan uit meerdere elementen en die je kunt ontbinden, noemen we een ontleedbare stof.

De drie soorten verbindingen

Moleculaire verbindingen: dit is als een niet-metaal aan een ander niet-metaal vastzit. Denk bijvoorbeeld aan water (H2O), waarbij waterstof (H) en zuurstof (O) beide niet-metalen zijn.

Ionaire verbindingen (zouten): een zout mag ook een ionaire verbinding genoemd worden. Dit type verbinding ontstaat als een niet-metaal (vaak negatief geladen) en een metaal (meestal positief geladen) aan elkaar verbonden zijn. Een bekend voorbeeld is keukenzout (NaCl).

Metalen: dit zijn verbindingen waarbij twee (of meer) metalen aan elkaar vastzitten, zoals in een legering of een puur metaalrooster.

Ionen: geladen atomen

Ionen zijn elektrisch geladen atomen. Een neutraal atoom heeft evenveel positief geladen protonen in de kern als negatief geladen elektronen die eromheen bewegen. Als dit evenwicht verstoord raakt, wordt het atoom een ion.

Afbeelding 1: een neutraal atoom met 6 protonen (plusjes) en 6 elektronen (minnetjes)
Afbeelding 1: een neutraal atoom met 6 protonen (plusjes) en 6 elektronen (minnetjes)

Hoe ontstaan positieve ionen?

Een atoom wordt positief geladen als het meer protonen (plusjes) dan elektronen (minnetjes) heeft. Dit gebeurt wanneer een atoom elektronen verliest. Stel, je hebt een neutraal atoom met zes plusjes en zes minnetjes. Als één van die minnetjes (elektronen) weggaat, heb je nog maar vijf minnetjes, en nog steeds zes plusjes. Er is nu één plusje meer dan minnetjes, dus is het positief geladen atoom. Dit noemen we een positief ion.

Afbeelding 2: 1) een neutraal atoom met 6 protonen en 6 elektronen, 2) een elektron beweegt weg van het atoom, 3) resultaat: een positief geladen ion met 6 protonen en 5 elektronen
Afbeelding 2: 1) een neutraal atoom met 6 protonen en 6 elektronen, 2) een elektron beweegt weg van het atoom, 3) resultaat: een positief geladen ion met 6 protonen en 5 elektronen

Hoe ontstaan negatieve ionen?

Een atoom wordt negatief geladen als het meer elektronen (minnetjes) dan protonen (plusjes) heeft. Dit gebeurt wanneer een atoom extra elektronen opneemt. Stel dat er bij het neutraal atoom een extra elektron bijkomt, dan heb je zeven minnetjes en zes plusjes. Er is nu één minnetje meer dan plusjes, dus is het negatief geladen atoom. Dit noemen we een negatief ion.

Afbeelding 3: 1) een neutraal atoom met 6 protonen en 6 elektronen, 2) een elektron beweegt naar het atoom toe, 3) resultaat: een negatief geladen ion met 6 protonen en 7 elektronen
Afbeelding 3: 1) een neutraal atoom met 6 protonen en 6 elektronen, 2) een elektron beweegt naar het atoom toe, 3) resultaat: een negatief geladen ion met 6 protonen en 7 elektronen

De lading van ionen bepalen

Element
Ion
Element
Ion
zilver
Ag+
broom
Br-
kalium
K+
chloor
Cl-
natrium
Na+
fluor
F-
barium
Ba2+
jood
I-
calcium
Ca2+
zuurstof
O2-
koper
Cu2+
zwavel
S2-
magnesium
Mg2+
lood
Pb2+
tin
Sn2+
zink
Zn2+
aluminium
Al3+
ijzer(II)
Fe2+
ijzer(III)
Fe3+

Je kunt de lading van de meest voorkomende ionen uit je hoofd leren. Je kunt ook een trucje gebruiken met de Binas en het periodiek systeem. Het is handig, maar het werkt niet voor alles, dus sommige moet je wel uit de tabel leren.

Kijk naar de groepen (kolommen) in het periodiek systeem:

Vanaf de linkerkant van het periodiek systeem:

Groep 1: deze elementen vormen ionen met een lading van +1.

Groep 2: deze elementen vormen ionen met een lading van +2.

Groep 3: deze elementen vormen ionen met een lading van +3.

Vanaf de rechterkant van het periodiek systeem:

Groep 18 (de edelgassen): deze hebben geen lading (0), ze reageren bijna niet.

Groep 17: deze elementen vormen ionen met een lading van -1.

Groep 16: deze elementen vormen ionen met een lading van -2.

Onthoud dat dit een trucje is en niet voor alle elementen geldt.

Verhoudingsformule van zouten maken

Een belangrijk kenmerk van een zout is dat het altijd neutraal is. Dat betekent dat de totale positieve lading en de totale negatieve lading in het zout precies even groot zijn. Als je een zout formuleert, moet je ervoor zorgen dat er evenveel plusjes als minnetjes zijn.

Stappenplan voor een verhoudingsformule:

Laten we als voorbeeld het zout aluminiumbromide nemen.

Stap 1: Schrijf de symbolen van de ionen en hun lading op. Schrijf altijd het positieve ion eerst. Je zoekt de symbolen op. Gebruik de Binas of de geleerde tabel.

Aluminium-ion: Al³⁺

Bromide-ion: Br⁻

Stap 2: Zorg ervoor dat de totale lading neutraal is (evenveel plus als min). Je hebt nu 3 plusjes (van Al³⁺) en 1 minnetje (van Br⁻). Om dit neutraal te maken, heb je meer bromide-ionen nodig.

Als je één Al³⁺ hebt, heb je drie Br⁻-ionen nodig om de lading neutraal te maken (3 x -1 = -3).

De totale positieve lading is dan 3+ en de totale negatieve lading is 3-. Samen is dit 0, dus neutraal.

Stap 3: Schrijf de verhoudingsformule netjes op. Zodra je weet hoeveel ionen van elke soort je nodig hebt, schrijf je de formule op zonder de ladingen. Het aantal van elk ion zet je rechtsonder het symbool als een klein getal, de index. Als je maar één van een ion hebt, schrijf je het getal 1 niet op.

We hebben 1 aluminium-ion (Al).

We hebben 3 bromide-ionen (Br).

De verhoudingsformule wordt dan AlBr₃.

Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo