Wat wordt bedoeld met ketterij in de context van de Reformatie?
Ketterij en inquisitie
Bij de start van het tijdvak van ontdekkers en hervormers was er slechts één christelijke kerk en iedereen volgde hetzelfde geloof. Maar na een tijdje verscheen er wat kritiek op de kerk, voornamelijk van zogeheten ketters. Zij die kritiek hadden op de kerk en mogelijk een andere godsdienst aanhingen, werden namelijk door de kerk als ketters bestempeld. Deze ketters moesten voor de kerkelijke rechtbank, de inquisitie, verschijnen en werden vaak op de brandstapel verbrand.

Ontstaan van de kritiek op de kerk
De kritiek op de kerk ontstond in eerste instantie door het humanisme. De humanisten begonnen de ideeën van de kerk kritisch te onderzoeken. Dankzij de nieuw uitgevonden boekdrukkunst konden deze ideeën snel door heel Europa verspreid worden. Een prominente figuur die veel kritiek had op de kerk was Maarten Luther. Hij was een monnik die zich verdiepte in de Bijbel, reisde naar Rome en tot ontzet ontdekte dat er daar een verering van heiligen plaatsvond, dat priesters zich niet aan hun geestelijke regels hielden en dat er aflaatbrieven werden verkocht voor het vergeven van zonden. Dit leidde tot zijn 95 stellingen van kritiek. Deze timmerde hij op de ingang van de kerk.

De geboorte van de Reformatie
Het is door deze intense, groeiende kritiek op de kerk dat de Reformatie plaatsvond. Deze hervormers wilden de kerk veranderen en verbeteren. Maar de kerk wilde niet veranderen, wat uiteindelijk leidde tot een splitsing in de christelijke kerk. Dit resulteerde in het ontstaan van de Rooms-Katholieke Kerk, met volgelingen die trouw bleven aan de paus in Rome, en de Protestanten, de volgelingen van de hervormers.
De Contra-Reformatie
In reactie op de Reformatie startte de Rooms-Katholieke Kerk de Contra-Reformatie, een poging om dingen in de kerk te herstellen en gelovigen terug te winnen.
Het gevolg: verschillen tussen katholieken en protestanten
De splitsing leidde tot verschillen tussen katholieken en protestanten: Katholieken blijven trouw aan de paus in Rome, terwijl Protestanten dat niet doen. Katholieken hebben rijkelijk versierde kerken, terwijl protestantse kerken sober zijn. Katholieken kennen heilige verering en hun priesters mogen niet trouwen. Protestanten hebben dit niet en hun dominees mogen trouwen. Katholieken kunnen alleen vergeving vragen via een priester, terwijl Protestanten geloven dat ze dat rechtstreeks aan God kunnen vragen.
Al met al was de belangrijkste oorzaak van het uiteenvallen van de christelijke kerk de groeiende kritiek op de kerk en de kerkelijke autoriteiten. Dit leidde tot de Reformatie, met Martin Luther als belangrijkste spil, en tot de uiteindelijke breuk van de kerk in het Katholicisme en Protestantisme.













