In 1502 reist de Portugees Vasco da Gama naar India. Een bemanningslid aan boord noteert in zijn dagboek:
Op 11 september bereikten wij het koninkrijk Cannaer1. ( ... ) Daar zagen wij de schepen uit Mekka2. Dat zijn de schepen die de specerijen naar ons land brengen, en die vernietigden wij zodat alleen de koning van Portugal de specerijen daar kon halen. ( ... ) In diezelfde tijd enterden wij een schip uit Mekka met driehonderdtachtig mannen en veel vrouwen en kinderen aan boord. Wij roofden ongeveer twaalfduizend dukaten en voor tienduizend dukaten koopwaar. Op 1 oktober bliezen wij met buskruit het schip en alle opvarenden op. ( ... ) Op 20 oktober gingen wij in Cannaer aan land en handelden in allerlei specerijen; de koning ontving ons op grootse wijze en toonde ons twee olifanten en andere vreemde dieren die ik niet ken.
noot 1 streek aan de kust van India
noot 2 Arabische stad
