Hieronder staan vier politici:
1.Drees
2.Fortuyn
3.Thorbecke
4.Troelstra
Hieronder staan vijf staatshoofden:
a Beatrix
b Juliana
c Wilhelmina
d Willem II
e Willem III
→ Noem per politicus één staatshoofd dat regeerde in de periode dat hij partijleider was. Let op! De naam van een staatshoofd kan meerdere keren worden gebruikt.
Doe het zo: Bij politicus 1 hoort staatshoofd … (vul letter in). (enzovoort tot en met politicus 4)
