In 1765 schrijft Robert Clive, een officier in dienst van de East India Company, vanuit India aan het bestuur van de Company:
We leven nu in een veelbetekenende periode die ik al had zien aankomen, ik bedoel de periode waarin het noodzakelijk wordt dat wij voor onszelf bepalen of we alles voor onszelf kunnen en willen nemen. Siraj Ud-Daulah1 is verslagen en zijn gebied is in onze handen. Het is nauwelijks overdreven om te beweren dat morgen het hele Mogolrijk in onze handen zal zijn. ( ... ) Het onttronen van de eerste Nawab2 zou gevolgd worden door de troonsbestijging van de volgende. We moeten zelf Nawabs worden, en niet alleen in naam en misschien zonder het te verhullen. ( ... ) Laten we zonder vertraging onze drie Europese regimenten aanvullen tot elk 1000 man en deze, gecombineerd met 500 man lichte cavalerie, drie of vier regimenten artillerie en de kracht van ons land, zullen ons onoverwinnelijk maken.
noot 1 Siraj Ud-Daulah is een Mogolvorst.
noot 2 een vorst
