Les over 2.1 Het zionisme

Les over 2.1 Het zionisme

Gemaakt door Ainstein
2.1 Het zionisme
Deze video bestaat uit
  • TV 2 – Romeinen, christenen en GermanenTV 2 – Romeinen, christenen en Germanen
  • De holocaustDe holocaust
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 02:31
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Wat is het zionisme en de strijd in het Midden-Oosten?

Leerdoelen

Je kunt de invloed van de ideeën van Sayyid Qutb op het moderne islamisme en terreurbewegingen uitleggen.

Je kunt de doelstellingen en werkwijzen van Hamas en Hezbollah beschrijven.

Je kunt het ontstaan en de verspreiding van het wahabisme en salafisme in Saudi-Arabië verklaren.

Je kunt de opkomst van Al-Qaida en de rol van Osama bin Laden hierin beschrijven.

Je kunt de politieke situatie en de drie belangrijkste bevolkingsgroepen van Irak benoemen.

Je kunt de kenmerken van het regime van Saddam Hoessein en de Baath-partij in Irak analyseren.

Belangrijke jaartallen

1920: Stichting van Irak, waarin drie verschillende bevolkingsgroepen worden samengevoegd.

1968: De seculiere Baath-partij komt via een militaire staatsgreep aan de macht in Irak.

1972: Nationalisatie van de Britse Iraqi Petroleum Company door de Iraakse overheid.

1973: De oliecrisis zorgt voor een spectaculaire stijging van de olieprijs, wat Irak grote rijkdom brengt.

1974-1975: Een opstand van de Koerden in het noorden van Irak wordt bloedig neergeslagen.

1979: Saddam Hoessein grijpt de macht en wordt president van Irak.

1980: Osama bin Laden vertrekt naar Afghanistan om te vechten tegen de Russische bezetters.

1981: Navolgers van Sayyid Qutb plegen een moordaanslag op de Egyptische president Sadat.

1981: De Israëlische luchtmacht bombardeert de Iraakse kerncentrale Osirak.

1987: De Palestijnse terreurbeweging Hamas komt voort uit de Moslimbroederschap.

1996: Osama bin Laden keert terug naar Afghanistan onder het talibanbewind.

1998: Al-Qaida pleegt aanslagen op Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania.

11 september 2001: Al-Qaida voert grootschalige aanslagen uit op Amerikaans grondgebied.

De erfenis van Sayyid Qutb en het islamisme

De ideeën van de islamitische denker Sayyid Qutb bleven na zijn executie sterk voortleven, waardoor hij de status van martelaar voor het geloof kreeg. Zijn publicaties inspireerden verschillende radicale groeperingen tot gewelddadige acties:

Navolgers van Qutb uit een splintergroepering van de Moslimbroederschap pleegden in 1981 een moordaanslag op de Egyptische president Sadat.

Opstandelingen tegen het regime-Assad in Syrië waren verbonden aan de Syrische afdeling van de Moslimbroederschap.

De leiders van de terreurorganisatie Al-Qaida werden door zijn geschriften geïnspireerd tot hun daden.

Qutb verkondigde dat moslims weliswaar hun fysieke macht konden verliezen en onderworpen konden worden, maar dat zij spiritueel superieur bleven. Hij geloofde dat het geloof onontkoombaar het tij zou keren en dat de dood voor een gelovige geen nederlaag was, maar leidde tot het martelaarschap en toegang tot de hemel.

Palestijnse en regionale terreurbewegingen: Hamas en Hezbollah

In de strijd tegen Israël ontstonden verschillende radicale islamitische bewegingen:

Hamas: Deze Palestijnse terreurbeweging kwam in 1987 voort uit de Moslimbroederschap. Hamas opereerde vanuit de door Israël bezette Gazastrook en stelde zich ten doel de staat Israël te vernietigen om er een islamitische staat op te bouwen. De organisatie moedigde zelfmoordaanslagen aan met de belofte van het martelaarschap en bood financiële steun aan de families van zelfmoordterroristen.

Hezbollah: Dit is een sjiitische organisatie ("partij van God") die werd gesteund en bewapend door Iran en Syrië. Hezbollah opereerde vanuit Syrië en Libanon, waar het een geduchte militaire strijdkracht vormde. Net als Hamas propageerde Hezbollah het martelaarschap.

Voor beide bewegingen gold Israël als de kleine satan en Amerika als de grote satan.

Saudi-Arabië en de opkomst van Al-Qaida

In Saudi-Arabië heerste al sinds de achttiende eeuw het wahabisme, een zeer strenge en conservatieve variant van de soennitische islam. Dankzij de enorme Saudische olie-inkomsten in de twintigste eeuw kon deze stroming wereldwijd worden verspreid door de financiering van duizenden moskeeën. Tegenwoordig worden aanhangers van deze stroming vaak aangeduid als salafisten, wat verwijst naar hun diepe eerbied voor de eerste generaties moslims na de profeet Mohammed. De Saudische miljonairszoon Osama bin Laden was een fervent aanhanger van deze conservatieve stroming. Zijn radicalisering verliep in verschillende stappen:

1.In 1980 trok hij naar Afghanistan om te vechten tegen de Russische bezettingsmacht.

2.Hij protesteerde fel tegen de stationering van Amerikaanse militairen in Saudi-Arabië, waarna hij uitweek naar Sudan.

3.In 1996 keerde hij terug naar Afghanistan als gast van het fundamentalistische talibanbewind en riep op tot geweld tegen alle Amerikanen.

4.Hij richtte het internationale netwerk van islamitische militanten op genaamd Al-Qaida, dat verantwoordelijk was voor aanslagen op Amerikaanse ambassades in 1998 en de aanslagen op 11 september 2001.

Irak en de opkomst van de Baath-partij

Irak is sinds de stichting in 1920 een moeilijk bestuurbaar land geweest. Dit komt doordat er drie verschillende bevolkingsgroepen binnen de landsgrenzen werden samengebracht:

De Koerden in het noorden.

De soennieten in het midden (een minderheid).

De sjiieten in het zuiden, die met 60% de meerderheid van de bevolking vormden.

In 1968 greep de seculiere Baath-partij de macht via een militaire staatsgreep. Hoewel de partij begon als een beweging gericht op modernisering en gelijkheid, veranderde zij in een wrede machtspartij die alle oppositie hardhandig neersloeg. Joden werden in het openbaar opgehangen als publiciteitsstunt, er werden showprocessen georganiseerd tegen vermeende vijanden, en een opstand van de Koerden in 1974-1975 werd bloedig onderdrukt. Dankzij de nationalisatie van de British Iraqi Petroleum Company in 1972 en de spectaculaire stijging van de olieprijzen tijdens de oliecrisis van 1973 stroomde er veel geld naar de Iraakse schatkist. De overheid investeerde dit in onderwijs, infrastructuur, goedkope gezondheidszorg en de industrie, wat zorgde voor grote welvaart en werkgelegenheid.

De dictatuur van Saddam Hoessein

In 1979 nam Saddam Hoessein de macht over als president, partijvoorzitter en hoofd van de strijdkrachten. Hij ontpopte zich tot een wrede dictator die een totalitaire staat opbouwde naar nazi-voorbeeld. De belangrijkste kenmerken van zijn regime waren:

Militarisering en wapens: Het leger kreeg enorme budgetten en Saddam toonde grote belangstelling voor het gebruik van gifgas. Toen hij kerncentrales wilde bouwen, sloot hij een miljardencontract met Frankrijk, waarbij Joden expliciet van het project werden uitgesloten. Uit angst voor een Iraaks atoomwapen bombardeerde de Israëlische luchtmacht in 1981 de kerncentrale Osirak.

Terreur en onderdrukking: Saddam zette een wrede geheime veiligheidsdienst op. Spionnen spoorden tegenstanders op, waarna duizenden mensen werden geëxecuteerd. Hiermee hield hij de sjiitische meerderheid in zijn greep, terwijl zijn eigen machtsbasis louter bestond uit de soennitische minderheid.

Persoonsverheerlijking: Overal hingen beeltenissen van Saddam. Zijn grootheidswaanzin bleek onder meer uit het laten overschrijven van de Koran met zijn eigen bloed en het laten fabriceren van een stamboom die hem direct deed afstammen van de profeet Mohammed.

In het Westen werd de terreur van Saddam Hoessein lange tijd genegeerd. Men zag hem als een handige handelspartner en een welkom seculier tegenwicht tegen de sjiitische moslimfundamentalisten van ayatollah Khomeini in Iran.